"Over enkele ogenblikken zal ik opkomen", zegt de vrouw in de microfoon. Haar lichaam schokt onophoudelijk, alsof ze bezeten is, de waanzin nabij. Het is Midzomernacht en Freule Julie mengt zich tussen het feestvierende personeel. In de geïmproviseerde keuken dwingt ze knecht Jean om met haar te dansen. Een fatale verleidingsscène volgt, waarna de verhoudingen radicaal en dramatisch zijn veranderd.

Strindberg schreef zijn klassieker Freule Julie in 1888. Het is zijn meest gespeelde stuk, vanwege de grote thema's en de bijzondere en vernieuwende stijl. De complexe relaties zowel tussen man en vrouw als die tussen meester en knecht worden in een fascinerend spel neergezet. Thibaud Delpeut maakt er een heftige en spannende voorstelling van, waarin elementen uit zijn eerder werk terugkeren: de speelstijl waarin moeiteloos wordt gewisseld van min of meer ingeleefd spel naar een gestileerde vorm; een geluidsband die sfeer versterkend werkt en de rücksichtloosheid waarmee hij menselijke relaties schetst, op het scherpst van de snede en met aandacht voor elk detail.

Zo laat hij Kristin, de dienstbode en verloofde van de knecht Jean, in de keuken met een lepel over de bodem van een steelpan schrapen: een klein, irritant geluid dat de dialoog tussen Freule Julie en Jean voorziet van een dreigende lading. In dat schijnbaar onschuldige, nonchalante gebaar ligt een hele lading van emoties verscholen van waarschuwing (pas op, ik hoor jullie wel!) tot ingehouden woede en latente wrok.

Wanneer de Freule haar Jean toch verleid blijkt te hebben, steekt ze haar arm in de toiletpot en smeert de muur vol met driftige uithalen: MERDE! Eline ten Camp speelt de rol van Kristin mooi ingehouden: quasi-onnozel en gedienstig in het begin, kwaad op Jean en vol minachting naar haar meesteres in het tweede deel en soeverein aan het eind. "Als zij niet beter zijn dan wij, heeft het geen zin betere mensen te worden." Een wrange constatering.

De titelrol inFreule Julie wordt gespeeld door Wendell Jaspers die eerder al in Nacht en 4.48 Psychosis speelde, eveneens in een regie van Delpeut. Zij doet dat magistraal; ze laat alle uithoeken van de op hol geslagen geest van haar personage zien: de arrogantie van de macht, de seksuele drift (Strindberg staat bekend als weinig vrouwvriendelijk), de eenzaamheid, de radeloosheid en de hoop tegen beter weten in. Ze speelt een geraffineerd spel met Jean (een eveneens uitstekende Guy Clemens), die op zijn beurt gedreven wordt door een mengsel van sympathie en haat voor wat boven hem staat. Aan het eind is de omkering compleet en zijn de knecht en de keukenmeid de morele winnaars van een verloren strijd. Het stuk speelt zich af in een oerlelijk decor waarvan de wanden met slordige brede stroken bruin tape aan elkaar worden gehouden. Een onontkoombaar, keelsnoerend en adembenemend beeld schetst Delpeut van deze zinderende en destructieve Midzomernacht.