Glad geschoren en gekamd, de scheiding kaarsrecht getrokken, maakt de jonge Don Rodrigo, de toelomstige Cid, zijn opwachting. Hij is het prototype van de onnozele hals, een melkmuil die het zwaard van zijn vader amper omhoog kan tillen. Wanneer zijn vader hem sommeert wraak te nemen op don Gomez vanwege een ernstige belediging, staat Rodrigo (Hans Kesting) langdurig stil. Zijn hoofd, dat permanent met een zekere verbijstering de wereld inblikt, beweegt hij ongelovig heen en weer.
Het dilemma dat hem aan de grond genageld houdt, is dan ook gecompliceerd genoeg. Don Gomez is immers de vader van zijn innig geliefde Jimena, het meisje met wie hij trouwen zou. De morele plicht om zijn vader te wreken betekent dat hij zijn hart moet verzaken. De keuze is onmenselijk, namelijk altijd een foute: negeert hij zijn vaders wens, dan verliest hij zijn eer; willigt hij die in, dan is hij zijn geliefde kwijt. Het conflict tussen hart en verstand vormt de kern van De Cid, een stuk dat hier in 1827 voor het laatst integraal is opgevoerd. Gerardjan Rijnders regisseert het stuk nu bij Toneelgroep Amsterdam, twee jaar na zijn magistrale Zinsbegoocheling, ook naar een tekst van Corneille. De enscenering is even eenvoudig als doeltreffend: de diverse vertrekken worden weergegeven door middel van verschillend gekleurde, satijnachtige gordijnen. De kostuums zijn historisch vast niet verantwoord, maar roepen wel de sfeer op van het zeventiende-eeuwse Franse hof. Afgezien van de hoofdpersonen, Don Rodrigo en Jimena, zijn alle andere personages grotesk aangezet. Zo heeft Celia Nufaar als de dochter van de koning een heksenpuntneus meegekregen en is haar gouvernante, gespeeld door Barbara Pouwels, zo lelijk als de nacht gemaakt. Roeland Fernhout zet een erg geestige don Arias neer, permanent lonkend vanonder zijn Mozartpruikje, de heupen nonchalant bewegend en in zijn ene hand een immer wapperende waaier. Die uitvergrotingen zorgen voor de humoristische momenten, want in feite is De Cid een behoorlijke draak. Prachtig van taal, dat wel (in onberijmde alexandrijnen vertaald door Laurens Spoor) en door de terughoudende regie is er volop aandacht voor de tekst. Door de geraffineerde opbouw, -telkens doet zich weer een nieuw en schijnbaar even onoplosbaar dilemma voor, - blijft De Cid toch boeien. Al staat het conflict tussen eer en liefde vandaag de dag (gelukkig) ver van ons bed, er zijn genoeg verwante dilemma's tussen hoofd en hart om mee te kunnen leven met die arme geliefden die elkaar maar niet mogen krijgen. Tot aan het eind onverwacht alles toch nog goed komt: het is niet voor niks een tragikomedie. Toneelgroep Amsterdam heeft van deze Cid opnieuw een feestje gemaakt.