Iedereen heeft wel een vaag beeld van de filosoof Friedrich Nietzsche. Zijn teksten worden te pas en te onpas geciteerd en geparafraseerd; zijn verhouding tot Richard Wagner en tot het na zijn dood opgekomen nationaal-socialisme is eindeloos becommentarieerd; af en toe wordt zijn relatie met Lou Salome als uitgangspunt voor een documentaire of een toneelstuk gekozen. Huiverend wordt de verwoestende aanwezigheid van zijn bekrompen zuster Elisabeth aangehaald, enerzijds als het schoolvoorbeeld van uit de hand gelopen familieverhoudingen, anderzijds vanwege de enorme geschiedvervalsing van de grote filosoof: Elisabeth schijnt zijn werk, waar mogelijk, te hebben vervalst en gecensureerd.

In Nietzsche van Alexander Widmer, dat De Trust speelt in regie van de Oostenrijker Hans Gratzer, wordt aan alle vaagheid een einde gemaakt. We zien ze allemaal terug: de afgrijselijke Elisabeth (mooi zuur en preuts en in-en-in Germaans gespeeld door Sylvia Poorta), de uitbundige levensgenietster Lou Salome, en Cosima Wagner die als een hysterische zwarte feeks rondwaart door het stuk. Nietzsche wordt neergezet in zijn nadagen: als oude man wordt hij verzorgd door zijn moeder en zijn zuster, maar zijn geest is nog helder genoeg. De 'verwoester van alle waarden' laat zich braaf zijn medicijnen toedienen en verzet zich amper tegen de gekmakende betuttelende toon die vooral zijn zuster zich aanmeet. Hij wordt heen en weer geslingerd tussen de behoefte aan rust, om optimaal te kunnen werken en de behoefte om te genieten. "Leven, leven wil ik!", roept hij uit als Lou Salome met hem op reis wil naar Italiƫ. Maar Lou kent hem langer dan vandaag. Ze weet dat hij hooguit een dag of twee onbezorgd kan doorbrengen 'En dan ratelt en knaagt het weer in zijn hersenen.'

Wat ontbreekt aan deze Nietzsche, is een interessante dramatische ontwikkeling. Het hele stuk bestaat in feite uit een herhaling van zetten. Jappe Claes schetst een mooi, rond portret van Nietzsche - hoe wispelturig, lastig, geniaal, schijterig en ontroerend hij was!- en misschien is dat wel de grootste makke van deze voorstelling. Voortaan zal ik mij Nietzsche voorstellen, zoals Jappe Claes hem speelt, en daardoor voel ik mij ook enigszins genomen: het mysterie van de Grote Onbekende Nietzsche heeft danig in kracht ingeboet. Hij is opeens een tamelijk voorspelbare mens van vlees en bloed geworden.

Erg mooi is de metershoge, imposante schuine wand van vormgever Christoph Speich, die een treffende illustratie vormt van het 'Ecce Homo': de wand is vol geschilderd met alle kanten uit tuimelende geslachtloze gedaanten.