Het Volk viert haar dertigjarig jubileum met een op het eerste gezicht nogal hachelijke onderneming: het uitbrengen van het ruim tachtig jaar oude stuk Wat niet mag van de inmiddels totaal in de vergetelheid geraakte schrijfster J.M. IJssel de Schepper Becker. Een toneelstuk waarin een ogenschijnlijk harmonieus gezin - vader, moeder, zoon, dochter -, wordt bedreigd door een groot en vreselijk geheim. Zoonlief bekent zijn neiging tot 'tegennatuurlijke driften' en met zijn 'coming out' komen alle relaties in een ander daglicht te staan. Tussen de vader, een botte, ongevoelige hork en de moeder, die vergeefs probeert de lieve vrede te bewaren, groeit een onoverbrugbare afstand en de dochter wordt ernstig aan het twijfelen gebracht over haar eigen verloving. Een draak van een stuk dat meesterlijk gespeeld wordt: niet alleen wordt de vooroorlogse mentaliteit en moraal prachtig tot leven gewekt, maar tegelijk functioneert het stuk, ondanks alle ouderwetsigheid, als een spiegel voor het heden.
De voorstelling begint met videobeelden van de drie leden van een amateurtoneelvereniging die met elkaar in de clinch gaan over het spelen van Wat niet mag. "Ik wil niet weer een jurk aantrekken, hoor', zegt Wigbolt Kruijver, terwijl hij driftig in zijn appel bijt, "dan wordt het meteen een klucht."
Niet veel later zien we hem wel degelijk als moeder opdraven, inclusief grijzige pruik en een jurk. Wat niet mag begint klassiek aan tafel: vader leest de krant en rookt een pijp, moeder en zoon proberen te lezen. De dictie is overdreven nauwkeurig, er wordt traag en wat lijzig gesproken. De sfeer is die van De Avonden, maar dan nog eens twintig jaar eerder: bekrompen Hollandse burgerlijkheid. Af en toe wordt er door de spelers even uit het stuk gebroken om te ruziƫn over de regie-aanwijzigingen: die pijp moet wel echt branden, hoor!
De spelers van Het Volk beheersen het sociaal-realistische vaderlands repertoire, het volkstoneel zou je kunnen zeggen, als geen ander. In woordkeus, dictie en timing zijn zij meesters geworden van het spelen op de rand van ernst en ironie. Dubbel van het lachen word je toch ook geraakt door de herkenbaarheid van veel situaties. Een enorme aanwinst is Minke Kruijver die de show steelt als de dochter met haar dappere pogingen tot optimisme, haar zenuwtic en de nauw verholen erotiek. Het Volk maakt een feestje van haar dertigjarig jubileum met een van haar beste voorstellingen ooit.