Voor het eerst in tien jaar is de 'harde kern' van STAN weer eens samen te zien in een voorstelling: Jolente De Keersmaeker, Sara De Roo, Damiaan De Schrijver en Frank Vercruyssen. Alleen dat al is een aanbeveling om te gaan kijken want wat zijn het toch een unieke acteurs! Stuk voor stuk hebben ze zich ontwikkeld tot fantastische toneelpersoonlijkheden en als je ze bij elkaar zet, spat het spelplezier er aan alle kanten af. Voor Wat nu hebben ze zich gebaseerd op een kort stuk van Jon Fosse dat als proloog wordt gespeeld, en op Een stuk plastiek van Marius Von Mayenburg. Een recent stuk van een hier ten onrechte nog niet zo bekende Duitse auteur: een komedie om van te smullen, hedendaags en actueel; een heerlijke satire op het moderne kunstenaarschap met een vleugje absurdisme à la Pinter en een aantal hilarische momenten. Centraal staat een yuppenstel met een uitgeblust huwelijk en idealen die ze zich alleen nog vaag weten te herinneren. Ze zoeken een nieuwe huishoudster om de overwerkte vrouw des huizes te ondersteunen (waarop zij meteen commentaar heeft: 'hoezo ben ik weer degene die voor het kind en het huishouden moet zorgen?') en voor de puberende zoon te zorgen. Jessica, de huishoudster, heeft het hart op de tong en dat zorgt onbedoeld voor allerlei pijnlijke misverstanden. Op slimme wijze worden zo het complexe gevoelsleven en de getroebleerde maatschappelijke idealen van het stel vijftigers blootgelegd. Ook de kunst moet het ontgelden: Damiaan De Schrijver speelt de rol van Haulupa, een conceptueel performancekunstenaar die wars is van alle goede bedoelingen en messcherp analyseert wat er mis is aan deze samenleving. Dat levert enkele geestige monologen op, waarin De Schrijver heerlijk kan foeteren. Over het verschil tussen depressief zijn (niet cool) en een burn-out hebben (megacool). Over hoe fraai zo'n kanten geval een vrouw in Afrika zal staan als ze dertig kilometer in de brandende zon moet lopen om water te halen, wanneer de vrouw des huizes haar kleren naar het Rode Kruis wil sturen omdat ze er zelf niet meer in past. Ook voor hem is Jessica de katalysator der dingen. Met haar nuchtere kijk op de dingen verwoordt ze telkens hardop datgene wat de anderen nu juist met de nodige moeite proberen te bedekken. Zij legt de hypocrisie bloot zowel van de arrogante kunstenaar als van het yuppenstel in even pijnlijke als hilarische scènes.