Al meteen in de eerste scène zie je dat Eline Vere anders is dan anderen: tijdens een operavoorstelling gaat ze middenin de Haagse schouwburg rechtop staan zonder iets te merken van het gesis om haar heen. De prachtige baritonzanger maakt een verpletterende indruk op haar en ze vergeet alles en iedereen om zich heen.
Eline Vere is de debuutroman van Louis Couperus wiens werk de laatste tijd weer veelvuldig in de belangstelling staat; Bas Heijne schreef een veelgeprezen essay over zijn werk en Toneelgroep Amsterdam heeft zojuist zijn De stille kracht uitgebracht. Het is een van de beroemde negentiende-eeuwse romans over vrouwen (Madame Bovary, Anna Karenina, Effi Briest) die vergeefs proberen te ontsnappen aan de rol die het leven hen oplegt. In dit geval die van een keurig Haags meisje dat alles meeheeft: ze is mooi, slim en rijk, maar ze kan zich niet voegen naar de eisen van haar tijd. Ze probeert te ontsnappen aan het korset van haar milieu, het 'saaie en slaperige' Den Haag.
In de Koninklijke Schouwburg in Den Haag ging zaterdag de gelijknamige voorstelling in première, in een bewerking en regie van Ger Thijs, die eerder werk van Couperus op de planken bracht: De Stille Kracht, De boeken der kleine zielen en Van oude mensen, de dingen die voorbij gaan. Opnieuw is het een verdienstelijke voorstelling geworden die toch niet helemaal recht doet aan de gelaagdheid en subtiliteit van de roman.
Voor de pauze staat het Haagse leven centraal, met de strikte burgerlijke normen en waarden, waar Eline zich steeds benauwder in voelt: "Als ik niet Eline Vere was, zou ik zangeres worden." Tegenover haar keurige zus en zwager staan andere familieleden: haar neef Vincent (Vincent Croiset), een joyeuze losbol, en haar wereldse tante uit Brussel, een heerlijke rol van Nettie Blanken. Zij steelt de show met haar pragmatische levenshouding: ' Wat gaan de mensen er toch op vooruit als ze verhullen wie ze zijn." Zij sleept Eline in het tweede deel mee naar gemaskerde bals en frivole feesten. Even leeft Eline op maar zij kán niet verhullen wie ze is. Ze is niet opgewassen tegen de leegheid van het bestaan; ze doorziet de hypocrisie om haar heen en ze wordt gekweld door de grote levensvragen: bestaat het noodlot of kunnen we zelf keuzes maken? Is het leven niet nutteloos en zinloos?
Hanne Arendzen speelt de titelrol met verve, al maakt de bewerker het haar vooral in de lange laatste scène, als haar aftakeling compleet wordt, niet gemakkelijk. Het ensemble om haar heen is wat wisselvallig en noodgedwongen onuitgewerkt, vaak niet meer dan clichématige figuren. Het heel praktische decor bestaat uit een achttal verrijdbare panelen waarop details van geschilderde panelen van chique grachtenpanden zichtbaar worden. Genoeg om de verschillende werelden te schetsen waarin Eline zich steeds minder en minder thuis voelt.