'Wij zijn de katten. Wij zijn de sterken.' Max Schulz laat er tegenover zijn jeugdvriend, de joodse kapperszoon Itzik Finkelstein, geen twijfel over bestaan. Als Duitser is hij eenvoudig superieur: hij zal de Joden uitroeien zoals de kat de muizen verdelgt.

Het verhaal van De nazi en de kapper,gebaseerd op de gelijknamige controversiële roman van de Duitse schrijver Edgar Hilsenrath (in een bewerking van Helmert Woudenberg) is bizar en schokkend. In aanwezigheid van de 90-jarige Hilsenrath ging de voorstelling donderdagavond in première in de Haarlemse Toneelschuur, gespeeld door twee bijzondere acteurs, René Groothof en René van 't Hof, in een regie van Aike Dirkzwager.

Het gaat over twee jeugdvrienden, waarvan de een oorlogsmisdadiger wordt (de Duitser) en de ander (de Jood) wordt vermoord in een concentratiekamp. Na de oorlog ontkomt de Duitser aan veroordeling door zich uit te geven voor zijn Joodse vriend. Ongelooflijk en ongehoord brutaal, maar hij komt er (een heel eind) mee weg.

Het stuk is min of meer chronologisch opgebouwd waarbij soms grote sprongen gemaakt worden in de tijd. Het begint met een geestige scène waarin Max zijn nieuwsgierigheid over de besnijdenis van zijn vriend niet voor zich kan houden en Itzik niet te beroerd is om zijn vriend te laten zien dat het verschil heus niet zo groot is. Na een kort intermezzo waarin Max een aantal tafels omgooit, een verwijzing naar het geweld tegen Joden al voor de Tweede Wereldoorlog, is er weinig meer over van de vriendschap. In de oorlog vermoordt hij als SS'er eigenhandig zo'n tienduizend joden. Hij betaalt zijn identiteitswisseling met de doos met gouden joodse tanden die hij meepikte uit het kamp.

Een probleem bij zo'n gruwelijk verhaal is de humor. Hilsenrath schreef zijn roman, die overigens door Duitse uitgevers werd geweigerd en pas in 1971 in de VS werd uitgegeven, als een satire. Een grotesk verhaal over oorlog en geweld, neergepend vanuit het perspectief van een gewetenloze dader die ook achteraf geen enkele spijt kent. Door de keuze van twee vooral om hun geweldige komische talenten bekende acteurs, wordt de spanning tussen tekst en speelstijl versterkt. En hoewel de twee René's zich geweldig van hun moeilijke taak kwijten, schuurt dat. René Groothof speelt de moeilijke rol van de nazi met een zekere onverstoorbaarheid; René van 't Hof munt uit in zijn rol als de kapperszoon, maar ook in diverse andere rollen: als rechter, ondervrager en kapper. Ongelooflijk knap hoe hij telkens met minieme verschuivingen – een opgetrokken wenkbrauw, een slepend been, een afgewende blik – een wereld weet op te roepen. Maar om te lachen? Nou, nee. De humor voelt ongemakkelijk.