Snerpende gitaarklanken roepen de sfeer op van Ry Cooder en de roadmovies van Wim Wenders. Het is broeierig heet in de sober gemeubileerde motelkamer, waar Eddie en May elkaar treffen. De suggestieve kleuren - hard geel voor de wanden, een knalblauwe lucht daarboven - roepen erotiek op en heftige passie.
Eddie (Rick Engelkes) en May (Frederique Huydts) hebben, zo blijkt uit de getormenteerde dialogen, al sinds de middelbare school - een jaar of vijftien - een 'af-en aan'-verhouding. Ze kunnen niet met elkaar, maar evenmin zonder elkaar leven en telkens zoeken ze elkaar toch weer op. Eddie is het stoere type: spijkerpak, stuntrijder van beroep, en onder zijn macho buitenkant natuurlijk een heel klein hartje. Een 'Marlborough-man', zoals May hem toesnauwt. Van May wordt gezegd dat zij kok is, maar eigenlijk doet dat er niet veel toe. Ze is voornamelijk mooi, in haar sexy jurkje, met zwarte kousen en hoge pumps.
Het spel van beide ex-GTST-sterren, alhoewel het soapniveau allang overtuigend ontstegen, blijft in deze eenakter van Sam Shepard teveel aan de oppervlakte. Misschien ook door de statische mise en scene maakt vooral het samenspel, dat in deze voorstelling nu eenmaal de kern van het stuk uitmaakt, geen grootse indruk. De beide acteurs geven hun personages te weinig contouren om daadwerkelijk bij hen betrokken te raken. Pas door de binnenkomst van Martin, een vriend van May, krijgt het stuk meer vaart en de karakters wat meer diepgang. Vooral Eddie kan zich uitleven in zijn stoere cowboy-kant tegenover de onkreukbare Martin. Michiel Varga maakt een mooie karikatuur van de onnozele, o zo brave Martin, wiens glimmende scheiding nauwelijks geëvenaard wordt door zijn glanzend gepoetste schoenen.
De oude man (Kees van Lier) vormt de zwakste schakel in het stuk. Hij zit in een oude strandstoel, in een hoek van het toneel, een grijze man in een grijs pak, een fles whisky binnen handbereik. Terwijl hij een cruciale rol speelt, komen de droomachtige scènes waarin hij zich beurtelings tot Eddie of tot May richt, op geen enkele manier tot leven.
Zo wordt de sfeer van broeierige, uitzichtloze passie die in de openingsscène wordt opgeroepen niet echt ingelost en blijft deze uitvoering van Gek van liefde een wat fletse afschaduwing van het origineel.