"Ik stel mij voor...", zegt de acteur en hij pakt zijn koffer van de grond. "Het is 1936. Federico Garcia Lorca staat op het perron van Madrid, op het punt de trein te nemen naar Granada." Het gegeven is dramatisch genoeg: de dichter zal in Granada worden opgepakt en geëxecuteerd. Je hoopt dan ook tegen beter weten in, dat de vriend die Lorca tegen probeert te houden, slaagt in zijn pogingen.
Het "ik stel mij voor.." is een eenvoudig, maar effectief theatraal middel, dat door de hele voorstelling Lorca, een afscheid heen gehanteerd wordt. Fragmenten van Lorca's leven worden gespeeld, verteld en gezongen. Annemarie Prins, de drijvende kracht achter de voorstelling, speelt via de video een belangrijke rol op de achtergrond: zij vertelt verhalen over Lorca, met name over zijn met veel mysteries omgeven dood. Prins ging in Granada op zoek naar sporen van Lorca: ze laat de foto's zien die ze maakte van twee cipressen, vlakbij de plek waar hij werd vermoord. Een ontroerende serie van drie kiekjes, die boven elkaar gehouden een min of meer compleet beeld geven: ze kreeg de hoge bomen niet op één foto.
Hoewel het materiaal dramatisch genoeg is, is de voorstelling te fragmentarisch en te weinig coherent om lang te boeien. Misschien ligt dat vooral aan het uitgangspunt: hoe dramatisch de dood van Lorca ook is, in wezen geldt dat voor alle slachtoffers van de falangisten. Wat Lorca bijzonder maakt, is natuurlijk zijn poëzie en zijn toneelstukken en daarvan krijgen we in deze voorstelling te weinig een beeld. Waar dat wel gebeurt, wordt het teveel Poezie Hardop en te weinig een theatrale ondersteuning van een samenhangend betoog. Van de uitnodigende verschillen tussen de drie totaal verschillende acteurs - een blanke vrouw, een Turk en een Amerikaanse neger - wordt maar zelden gebruik gemaakt. Vooral Nienke Reehorst is weinig overtuigend in haar rol van Emilia, een vriendin van Lorca. Zelfs de scène, waarin zij vertelt hoe achteraf blijkt dat zij Lorca misschien had kunnen redden - op zich een huiveringwekkend gegeven -, komt vlak en zonder emotie over. Frank Shepard maakt indruk met zijn imposante, donkere timbre, wanneer hij vertelt hoe hij opdracht kreeg om Lorca op te pakken: "I just did my duty". Het blijft evenwel bij een losstaand fragment, dat te weinig resoneert in de overige scenes en daardoor niet echt raakt. Ali Cifteci is het meest prominent aanwezig, zowel in zang als in spel. Wanneer hij zegt: "ik stel mij voor...." en een witte hoed met zwarte rand opzet, is hij Lorca en wordt even iets van het drama zichtbaar dat Lorca, een afscheid had kunnen worden.