Ze mag de keizer vooral niet in de ogen kijken. Rechtopstaan, de armen niet gevouwen, maar ontspannen langs het lichaam. De voeten niet uitdraaien! De keizer mag niet worden afgeleid door onbelangrijke details. De Noorse journaliste heeft weken moeten wachten voor ze uiteindelijk toegang krijgt tot het hof van Haile. Middenin de nacht wordt ze tenslotte uit haar bed gehaald: de keizer is er klaar voor.
Hof van Haile is het nieuwe stuk van Orkater, het vierde stuk dat Leopold Witte en Geert Lageveen samen schreven, na hun veelgeprezen Conijn van Olland, De gouden eeuw en IK. Anders dan die eerste drie stukken, is Hof van Haile slechts in de verte geïnspireerd op de werkelijkheid. Het is een bizarre ontmoeting tussen twee culturen, die van de Noorse journaliste met haar kritische vragen over armoede en onderdrukking en de mythische wereld van Haile die leeft tussen geesten en wanen, tussen goddelijkheid en gekte.
De beginscène duurt lang. Alle deuren en hekken zijn gesloten, de journaliste wacht en wacht. Musici trommelen op percussie-instrumenten, bedienden met fraaie hoofdtooien lopen langs met kussens en geven onduidelijke antwoorden op haar vraag: wanneer ontvangt de keizer mij eindelijk? Als het dan ineens zover is, worden de hekken weggehaald en zien we de keizer zitten op een met kleden overdekt podium, op een hoge stoel. Zijn beentjes bungelen potsierlijk in de lucht, lappen en veren geven hem een exotisch uiterlijk. Pierre Bokma maakt van dit vreemde personage weer een prachtrol, zijn mimiek en motoriek zijn weergaloos.
De dramatische ontwikkeling van het verhaal roept de nodige vragen op. De voorstelling geeft eerder een magisch-realistisch sfeerbeeld dan dat er veel wordt uitgewerkt van de vragen die de ontmoeting tussen de keizer en de mooie journaliste oproepen. Is Haile inderdaad een meedogenloos heerser die de dood van vele landgenoten op zijn geweten heeft? Net als de journaliste zelf worden alle kritische vragen meegezogen in de magische wereld van de keizer. Muzikaal is de voorstelling heel sterk. In de beste Orkatertraditie maken de musici op vanzelfsprekende manier deel uit van de handeling. Alleen wanneer Ricky Koole gaat zingen, wat ze overigens prima doet, kantelt de voorstelling teveel richting musical uit.
Hof van Haile gaat over eenzaamheid en over verlies. Zonder dat er al teveel wordt benoemd, wordt er een fascinerende, vreemde, destructieve wereld opgeroepen. Vooral door het spel van Pierre Bokma stijgt Haile uit boven de historische context en krijgt mythische contouren.