In het begin denk je even: wat nu? Waarom spreken deze drie Nederlandse acteurs Engels?

Ambieert Dood Paard (Dead Horse) een internationale doorbraak? Al na een paar zinnen klinkt het echter logisch en na afloop blijkt de keuze voor het Engels terecht en vanzelfsprekend. MedEia is geschreven door de onverwoestbaar productieve Oscar van Woensel, in samenwerking met Kuno Baker en Manja Topper, met z'n drieen de kern van Dood Paard. De tekst is een radicale bewerking van het oorspronkelijke verhaal, gebaseerd op verschillende bronnen van Euripides tot Heiner Muller, en maakt van de geschiedenis van Medea een drama van alle mensen en van alle tijden.

De zinnen zijn zoals vaker bij van Woensel ultrakort en hij bedient zich van een eenvoudig woordgebruik dat voor iedereen die een popsong kan nazingen, te volgen is. Het gebruik van het Engels versterkt het universele karakter van het verhaal en door de (ogenschijnlijk) eenvoudige schrijfstijl vol herhalingen krijgt de tekst een zekere bedwelmende uitwerking. Bovendien biedt het gebruik van het Engels de gelegenheid om een soort citatenverzameling uit de popgeschiedenis door de tekst heen te weven: love hurtslove is a battlefield/ just a perfect day/this is the end.../all you need is love/ please let me go home/like a virgin/ om er maar een paar op te noemen. Die citaten roepen al die beroemde popsongs even terug in de herinnering en spreken zo als het ware een collectief emotioneel reservoir aan. De tekst is geschreven als een lange litanie van het koor, dat de geschiedenis van Medea vertelt. Voortdurend verschuift de manier van vertellen, soms kruipt een van de spelers even in de huid van een van de personages, om meteen daarna weer afstand te nemen. De chronologie wordt niet aangehouden, telkens wordt het verhaal vanuit een ander perspectief in tijd en ruimte verteld. Dat biedt een rijk scala aan mogelijkheden, waar de spelers dankbaar gebruik van maken. De grote thema's van de Medea�mythe� liefde, overspel, jaloezie, verbanning, de positie van de vrouw in een door mannen gedomineerde samenleving� worden zo van verschillende kanten belicht.

De keuze voor het koor als vertellende instantie roept zowel betrokkenheid als distantie op. De betrokkenheid is een machteloze: met enige regelmaat zucht en klaagt het koor dat het alles ziet en hoort en meemaakt, maar onmogelijk kan ingrijpen. Die radeloosheid verwoordt als het ware die van de toeschouwer.

De voorstelling is strak en sober vormgegeven. Vier papieren doeken, die in het begin op de grond liggen, worden een voor een omhooggehesen.

In elk van de vier delen komen de acteurs dichterbij het publiek, waarmee ook het verhaal onontkoombaarder wordt. Na elk deel wordt het papieren doek kapotgescheurd en een volgende omhooggetakeld: vrijwel identieke doeken, die beplakt met grote stroken plakband een naief soort landschap vormen. Tussen de vier delen door worden diabeelden vertoond: willekeurige kiekjes die er razendsnel doorheen worden gedraaid. Ze versterken het gevoel dat deze MedEia over alles en iedereen gaat. MedEia is een heldere en sterke voorstelling, waarin Dood Paard een ideale vorm heeft gevonden, het cynisme voorbij.