Het machinegedreun is oorverdovend. Op een rijtje achter elkaar zitten ze, de naaisters achter hun naaimachine. Blauwe hoofddoek om, blauwe schorten aan. Stapels identieke kleren liggen in hoopjes op de grond. Gaandeweg krijg je door wat ze aan het doen zijn: etiketten stikken in uniformen. Rats, het oude etiket eraf en rats, het nieuwe erop. De uniformen zijn van dode soldaten en ze worden gereedgemaakt voor de volgende lading. Het is oorlog, zoveel is duidelijk.

Als er een nieuwe vrouw bijkomt, blijkt pas hoe vast de vrouwen zitten in hun monotone bezigheden. 'Er gaat geen bus terug', luidt het antwoord op haar vraag wanneer de bus weer vertrekt. De vrouw blijkt een fatale fout te hebben gemaakt door haar zoontje een rood jurkje aan te trekken, zijn haar te laten groeien en hem op hart te drukken nooit te plassen als er iemand in de buurt was. Ze wilde hem zo beschermen totdat bleek dat juist de meisjes niet meemochten met hun moeder. Een drama dat heel persoonlijk begint, maar vrij abstract eindigt.

Vanaf nu heet je Pjotr is een voorstelling van Via Berlin & Ragazze Kwartet, een gezelschap jonge vrouwelijke muzikanten en theatermakers, die bij Orkater de kans krijgen een eigen muziektheatervoorstelling te maken. Dagmar Slagmolen (actrice) en Rosa Arnold (violiste) vormen de kern van Via Berlin, dart vorig jaar verraste met Een mond vol zand, ook een heftig oorlogsdrama, persoonlijk, intiem en intens muzikaal.Vanaf nu heet je Pjotr is eerder op een buitenlocatie op Oerol te zien geweest, maar nu ook officieel in première gegaan in Theater Bellevue. Er volgt een kleine tournee waarna de groep weer afsluit op Terschelling.

Muzikaal is de voorstelling zeker geslaagd. Als ze achter de naaimachines tevoorschijn komen, blijken de vrouwen overal instrumenten te hebben verstopt en ze spelen bijzonder mooi. Een fragment van het strijkkwartet in d klein - Der Tod und das Mädchen - van Franz Schubert, veel melancholische strijkmuziek, een indrukwekkende cellosolo. De muziek maakt wezenlijk deel uit van de voorstelling: je merkt aan alles is dat er vanuit ritmes en melodielijnen is nagedacht. Wat betreft de tekst en het spel is de voorstelling minder overtuigend. Je krijgt als toeschouwer een aantal gegevens aangereikt, zonder dat die dramatisch worden uitgewerkt. De vrouwen doen een dwaze polonaise, met groteske maskers op; later trekken ze de soldatenkledij aan. Er wordt hartverscheurend gezongen en gemusiceerd. De voorstelling zou aan kracht winnen met een sterkere tekst.