Het is waarschijnlijk de beroemdste zin uit Hamlet: 'Zijn of niet zijn'. Peter Vandemeulebroecke spreekt de frase bedachtzaam uit; een voor een proeft hij de woorden. In de enscenering van het Noord Nederlands Toneel (NNT) gaat het vooral over 'gek zijn of niet gek zijn'. De fragiele grens tussen normaal geacht en krankzinnig gedrag speelt een belangrijke rol. Hamlet wordt hier platgespoten en opgesloten in een separeercel.
Het NNT heeft in de regie van Ola Mafaalani van Shakespeares klassieker een theatrale belevenis gemaakt. Het decor wordt gedomineerd door een aantal verrijdbare dubbele wanden van plexiglas die een gesloten geheel vormen en soms met rook worden gevuld, bijvoorbeeld wanneer de moord op Polonius wordt gepleegd. Dat levert visueel sterke beelden op, vooral wanneer gebruik wordt gemaakt van het glas als spiegeling. Zo zie je Hamlet belicht door een eenvoudige kaars in eindeloze herhaling naar zijn spiegelbeeld kijken. Het 'wie ben ik en hoe moet ik handelen?', de zoektocht naar zijn identiteit en zijn geweten, wordt zo heel mooi geïllustreerd. Immers, zijn moeder is na de dood van zijn vader binnen de kortste keren getrouwd met zijn oom. Hij voelt haarscherp de hypocrisie van het hof en de mensen om hem heen, maar hij is nog heel jong. Hij heeft nog weinig ervaring, alleen een slimme geest en een sterke intuïtie. Een tweede theatrale troef is de muziek: een geluidsdecor van stemmen die klagen, angstaanjagend klinken en soms troost bieden. Heel mooi is het moment dat de geluidsband ophoudt en je om je heen overal in de zaal zachtjes mensen hoort zingen. Een koor uit het publiek; elke stad heeft zijn eigen koor dat van te voren heeft geoefend met muziek, die gecomponeerd is door Merlijn Twaalfhoven. Het licht is de derde component in de visueel sterke dramatische enscenering.
Het stuk is overigens bewerkt door Ko van den Bosch (die ook medeverantwoordelijk is voor decor en licht) en Dirkje Houtman. De taal is tamelijk plechtstatig omdat gebruik wordt gemaakt van de vertaling van Bert Voeten uit 1959. Niet alle acteurs kunnen daar even vlot mee overweg; met name de jongere actrices (zoals Maartje van de Wetering als Ophelia) hebben daar moeite mee. Dat geldt gelukkig niet voor Peter Vandemeulebroecke in de titelrol. Zijn Vlaamse tongval maakt de misschien wat ouderwetsige taal in onze oren heel soepel en vanzelfsprekend. Hij speelt naturel maar altijd geloofwaardig, ook in de snel wisselende reeks van emoties die bij zijn personage horen. Of hij inderdaad gek wordt of krankzinnigheid veinst om het onrecht te ontmaskeren, helemaal duidelijk wordt het niet. Het is wel een mooie ingang voor een stuk dat in de ogen van het NNT vooral gaat over liefde en waanzin.