Zij wil een spelletje spelen, hij heeft niet veel zin. Na een lang leven samen hebben de oude man en de oude vrouw elkaar niet veel meer te zeggen. Hij had hofmaarschalk kunnen worden of misschien chef-kok, maar veel geluk lijkt hij niet hebben gehad. Hij noemt zich huismaarschalk als hij in een goede bui is maar even later beschrijft hij zijn carrière als 'een armzalig conciërgebestaan'.

Het is een merkwaardig stuk, De Stoelen (1952), van de Roemeens-Franse (toneel)schrijver Eugene Ionesco. Zelf noemde hij het een tragische klucht. Ionesco is een van de grondleggers van het absurde theater, met Samuel Beckett en Jean Genet. Zijn werk gaat over de waanzin van het alledaagse leven. Vaak is de logica zoek en is communicatie fundamenteel onmogelijk. 

Toneelgroep hans, een nieuw initiatief van de Haarlemmer Hans van Hechten, actrice Barbara Gozens en regisseur Jules Terlingen, brengt De Stoelen nu uit als eerste samenwerkingsproject. 

De enscenering is sober en ingetogen. Meer dan wat rode gordijnen en een paar bankjes hebben de acteurs niet tot hun beschikking. De stoelen, waar in de titel sprake van is en die bedoeld zijn om een groot publiek te ontvangen, zijn niet letterlijk aanwezig. Het is een abstracte en gestileerde voorstelling waarin de taal het moet doen. De acteurs kijken niet naar elkaar, ze kijken onafgebroken naar het publiek. Dat werkt nogal statisch. Barbara Gozens en Hans van Hechten zijn als acteurs genoeg door de wol geverfd om de spanning erin te houden, al had de invulling van de personages door iets meer emotie te tonen aan diepte kunnen winnen.

De tekst is raadselachtig genoeg. Vooral het eerste half uur is het boeiend om te achterhalen wie die mensen zijn, wat hun relatie is en waar ze op wachten. De vrouw vertelt over de zoon die ze samen hebben maar nooit meer zien: 'Hij had een hart van goud'. Meteen daarna vertelt de man dat zij tot hun verdriet nooit kinderen hebben kunnen krijgen.Wat is waar? Spelen zij een spelletje met elkaar, met ons? Hebben zij echt al hun vrienden en kennissen uitgenodigd of doen zij net alsof? De (denkbeeldige) gasten krijgen een laatste boodschap van het echtpaar te horen, een toespraak waarmee zij de zieke mensheid denken te kunnen redden. Zij doet de knoopjes van haar jurk dicht, ze nemen afscheid van elkaar en van het publiek. 'Zo wensen wij tesaam het hoekje om te gaan'. Of misschien spelen ze morgen hetzelfde spel opnieuw.