Basaler kan bijna niet: de minimale ruimte op het toneel wordt begrensd door een gepleisterde achterwand waaraan een ouderwetse munttelefoon hangt en belicht door een stel robuuste neonlampen. Als House begint, lopen drie, uiterst casual geklede personages - naar blijkt vader, moeder en zoon - naar het rechterdeel van het toneel, terwijl een vierde persoon, een kalende man in net pak, zich aan de andere kant opstelt.

De acteurs kijken onbewogen voor zich uit, alsof ze op de bushalte staan te wachten, en het duurt lang voor de stilte doorbroken wordt. Als de vrouw ten slotte haar mond opendoet, zegt ze Hello!, wat tamelijk idioot klinkt als je al een hele tijd naast elkaar staat te zwijgen. De merkwaardige dialogen die daarop volgen, worden op neutrale toon uitgesproken, vrijwel zonder intonatie, alsof er een saaie les wordt opgezegd. Elke emotie ontbreekt, ook in de lichaamstaal gebeurt er weinig meer dan dat de personages af en toe even naar elkaar kijken. En toch gebeurt er in theatraal opzicht wel degelijk iets spannends in House, een stuk van de jonge Amerikaanse regisseur Richard Maxwell, dat hier in het kader van het Holland Festival kort te zien is.

De vrouw serveert toast en vertelt haar zoon dat ze geen idee heeft wat papa voor werk doet. Haar zinnen eindigen meestal in totale vaagheid. De zoon vraagt vader waarom hij nooit antwoord geeft op vragen, de vader begint een verhaal over race-auto's. De man in het nette pak introduceert zichzelf als Mike en vertelt dat zijn broer vermoord is en dat hij uit is op wraak.Ten slotte doodt Mike zowel vader als zoon en als de vrouw klaagt dat ze nu helemaal alleen is, zegt hij geruststellend: "I'll take you."

Maxwell schetst in zijn stuk een eenzaam, post-Pinteriaans universum; in de curieuze dialogen is vrijwel nooit sprake van daadwerkelijk contact. De taal lijkt niet meer bedoeld om te communiceren, maar om vreemde, kennelijk noodzakelijke rituelen uit een ver verleden te voltrekken. De kracht van de stijl ligt in een uiterst consequent doorgevoerd minimalisme, dat van de (amateur-) acteurs een haarscherpe timing vereist. Door de onbewogenheid en de schijnbare neutraliteit van de personages ontstaat een vreemde, beklemmende sfeer die tegelijkertijd heel komisch werkt.

In House geeft Maxwell een scherp uitvergroot beeld van de werkelijkheid, even absurdistisch als raak.