Een gezellig verjaardagsfeest wil het maar niet worden, al wordt Big Daddy 65 en is de hele familie bijeen. Hypocrisie, walging, schuld en eenzaamheid vormen de ingrediƫnten voor zijn verjaardagstaart. Tennessee Williams schreef Cat on a hot tin roof in 1955 en het werd meteen erkend als een meesterwerk, net als de verfilming, met Elisabeth Taylor en Paul Newman in de hoofdrollen.
Nu regisseert Jacob Derwig het stuk bij Toneelgroep Amsterdam, in coproductie met de Toneelschuur Producties. Samen met echtgenote Kim van Kooten maakte hij ook een nieuwe vertaling in geestig, hedendaagse Nederlands. Kat op een heet zinken dak is een ingenieus opgebouwd familiedrama, waarin de confrontatie tussen de vader (Gijs Scholten van Aschat) en zijn aan drank verslaafde lievelingszoon Brick (Barry Atsma) centraal staat.
Vanaf het allereerste begin is er sprake van totale miscommunicatie, onbegrip en onwil. Niets is wat het lijkt. Uit de lange beginmonoloog van Maggie (Karina Smulders) blijkt dat zij nog veel houdt van haar echtgenoot Brick, voor wie ze alles overheeft. Of is het schuldgevoel dat maakt dat ze zich vrijwel elke vernedering laat welgevallen? Wellicht zelfs raffinement omdat ze net als broer en schoonzus uit is op het geld van Big Daddy?
Alleen het lange gesprek tussen vader en zoon in de tweede akte, wordt niet door leugenachtigheid, hypocrisie en dubbele agenda's gekenmerkt. Big Daddy is wijsgemaakt dat de uitslag van het kankeronderzoek gunstig is, terwijl de kinderen weten dat hij ten dode is opgeschreven. Zoon Brick is gaan drinken na de dood van zijn beste vriend Skipper. De angst voor homoseksualiteit zat er in het Amerika van de jaren vijftig nog diep in. Allebei moeten ze uiteindelijk de naakte waarheid onder ogen zien: de zoon die zijn onschuld heeft verloren en de vader die weet dat zijn einde nabij is.
Het is een feest om de acteurs aan het werk te zien, ook de andere personages, zoals de vrouw van Big Daddy, heerlijk vilein neergezet door Marieke Heebink, en Maggie, de vrouw van Brick, een dartele Karina Smulders. Er valt gelukkig ook veel te lachen, bijvoorbeeld om de geestige wijze waarop Maggie haar schoonzus neerzet als broedmachine van 'nekloze' wurmen. Altijd is er ook die andere, schrijnende kant want haar kinderloosheid is een groot verdriet.
Het stuk speelt zich af in een opvallend leeg decor waarvan de achterwand blijkt te bestaan uit talloze deuren. Ze vormen even zoveel toegangswegen tussen de verschillende familieleden: doorgaans worden ze hard dichtgegooid.