Dekbedhoezen en een pannenset, dat zijn de cadeaus waarmee zijn vrienden Stijn willen verrassen. Stijn wordt vijftig, een Kroonjaar, en dat moet gevierd worden met een surprise-party. Met behulp van honderden meters zwart landbouwplastic is de garage van Frans en Willem omgebouwd tot feestruimte, inclusief dark room.

Het feest speelt zich af op de achtergrond, wat wij zien is de zitkamer van Frans (Kees Hulst) en Willem (Pierre Bokma), een van de twee vriendenstellen die de surprise-party hebben georganiseerd. De onderlinge verhouding tussen homoseksuele stellen -Frans en Willem aan de ene kant en Lo (Hajo Bruins) en Pim (Hans Kesting) aan de andere kant- vormt het eigenlijke onderwerp van Kroonjaar. Twee homoparen die het al een fiks aantal jaren uithouden met elkaar, for better or for worse, en de afgelopen tijd vooral for worse want zonder uitzondering zijn alle personages slachtoffers van het aidsvirus. Hoewel uit terloopse opmerkingen duidelijk wordt dat de ziekte hun leven voor een groot deel bepaalt -of de vakantie doorgaat, hangt vooral af van hoe de T-cellen erbij staan en iedereen kent de dienstregeling naar het AMC uit het hoofd -, is Kroonjaar toch geen komedie met een wrange ondertoon geworden.

Het stuk van Bert Edelenbos is een momentopname, een sfeerschets van een generatie homoseksuelen die behalve met de midlife-crisis -"Waren we nog maar fris en strak", verzucht iemand -, de strijd aan moet binden met een nog veel gruwelijker demon.

De gebeurtenissen in het stuk zijn van ondergeschikt belang, Kroonjaar is geen toneelstuk met een diepgravende ontwikkeling. Het is bijna cabaret, met als onderliggende rode draad de discrepantie tussen de platte wereld van de darkroom aan de ene kant en de ongelooflijke burgertuttigheid van de homowereld aan de andere kant. Bijna alle grappen zijn op die discrepantie gebaseerd. Het publiek ligt in een deuk als Willem vertelt dat hij het weekend met Frans is wezen steengrillen bij Jules en Otto of klaagt dat de visite tussendoor niet even met een dweiltje de goldenshowerruimte uitsopt.

Een komedie zonder veel diepgang is Kroonjaar, leuk door de (soms ook wel erg platte) geestige dialogen en door de rake typeringen van de vier acteurs. Met name Hans Kesting die twee dagen voor de premiere plotseling in moest vallen voor de zieke Fred Goessens, speelde ijzersterk. Ook de andere acteurs: Pierre Bokma met glimmende bretels die zijn spijkerbroek lekker strak om de billen doet spannen en een onnavolgbare haardracht; Kees Hulst met een ringetje door zijn oor en Hajo Bruins die veel woede laat doorklinken in zijn schijnbare vrolijkheid, spelen overtuigende typetjes, al kun je je afvragen of zo'n stuk niet door 'echte' nichten gespeeld had moeten worden. De treurigheid die om hen heen hangt, wordt aan het slot getemperd, als Frans en Willem alleen achterblijven en toch enige troost bij elkaar lijken te vinden.