Met Zum Wohl neemt Suver Nuver na 21 jaar afscheid (al staat er er in kleine letters 'voorlopig' achter in het persbericht). De subsidiekraan wordt per 1 januari 2009 dichtgedraaid en de groep lijkt er vrede mee te hebben. Bugs Bunny en het einde der tijden zou de ondertitel kunnen zijn van hun laatste productie, waarin drollen en wortels over het podium vliegen, Peer van den Berg het publiek zijn billen laat zien en dwergen een klompendans uitvoeren.Een verkorte versie van Zum Wohl - oftewel Proost! - is afgelopen zomer al te zien geweest op Oerol en de Parade en de voorstelling maakt nu een tournee door Nederland. Zum Wohl gaat over afscheid nemen, over het verstrijken van de tijd, over generaties die elkaar opvolgen en dus ook over hun eigen -al dan niet voorlopige- afscheid van het theater. Suver Nuver zou Suver Nuver niet zijn als ze deze filosofische gedachten niet in een centrifugale mix van absurde en kolderieke scènes had gedompeld. Tegen de achtergrond van een bouwvallig Oostenrijks hutje springen de haasjes parmantig rond, tot de jager hen een voor een doodschiet. Wie is het sterkst en wie is het slimst, dat is de vraag in deze striptekenachtige 'struggle for life'. Een vrouw die onderdak vraagt, wordt eerst door de hond gebeten en vervolgens hardhandig het erf afgejaagd. Een sissende slang verdwijnt in een gat in de grond, waar de heer des huizes zich verbaasd over buigt, om vervolgens een spuitende fontein in zijn ogen te krijgen. Ontploffende ballonnen, een slapstickachtig gevecht met een stoel en een touw en exploderende bierblikjes doen denken aan de fysieke gewelddadigheid van Alex d' Electrique, vermengd met de sfeer van de Faecaliëndrama's waarmee de Trust in de jaren negentig furore maakte. Oostenrijk als een land vol bierdrinkers die hun angst voor en haat tegen vreemdelingen op niet mis te verstane wijze ventileren. Woede en wrok zijn altijd dreigend aanwezig.Een hilarisch hoogtepunt wordt gevormd door een klompendans van twee dwergen, die uitmondt in een achtervolging en verkrachting. Even zo vrolijk beleven de partners al jodelend een orgasme. Tussen alle kolder vormen twee monologen over de tijd een contrapunt. Henk Zwart heeft het over de 'mannelijke tijd' waar geen ontsnappen aan is; Dette Glashouwer legt als een dominee uit dat de vrouwelijke tijd cyclisch is en houdt een lang betoog over de voorspelling van het einde der tijden. De twee teksten vormen een Fremdkörper in de voorstelling die, zoals we van Suver Nuver gewend zijn, heel fysiek is. Zum Wohl laat nog eens zien waar de acteurs goed in zijn: een eigenzinnige mix van mime, anarchistisch en dwars theater.