Versplinterd glas ligt overal. Van de grote ramen in het paleis van Thebe is er nog maar één heel en dat wordt door Oidipous in zijn openingsscène ondergekotst. Het is dan ook niet gering wat zich aan drama afspeelt binnen de aanvankelijk zo solide ogende koninklijke familie.
Voor zijn voorstelling Antigone - Kreon – Oidipous heeft Thibaud Delpeut de drie tragedies van Sofokles radicaal bewerkt en ingekort. De voorstelling begint met een verklaring door Kreon (Jacob Derwig), die zijn stropdas recht doet voor de tv-camera: "Kan het nog een keer over?". Levensgroot wordt het bovenste deel van zijn gezicht geprojecteerd op de achterwand, alleen de ogen. Het is een steeds terugkerend principe in de voorstelling, waardoor je iemand opeens van zo dichtbij ziet als maar mogelijk is. Maar zien is niet hetzelfde als de waarheid kennen, lijkt de regisseur te willen benadrukken. Soms spreken de ogen een heel andere taal dan de mond.
Drie klassieke tragedies bewerken en op een nieuwe manier in elkaar schuiven: het is geen eenvoudige taak die de regisseur zich gesteld heeft, maar na afloop kun je je niet voorstellen waarom het niet eerder zo gedaan is: zo genadeloos duidelijk zijn de consequenties van ieders daden, zo helder is de intrige, zo geraffineerd de opbouw en zo onontkoombaar het noodlot.
De lineaire opbouw van de familiesaga is veranderd in een vloeiend, doorlopend verhaal, waarin een personage moeiteloos van het ene drama in het andere kan stappen. Zo speelt Alwin Pulinx buiten de muren van het paleis de verloofde van Antigone en erbinnen is hij Polyneikos, haar broer. Door het hele ensemble van TGA wordt voortreffelijk gespeeld; Hadewych Minis zet een onvermurwbare Antigone neer, zacht en hard tegelijk en als het moet, een ware Pleegzuster Bloedwijn, niet kapot te krijgen. Jacob Derwig laat mooi Kreons ontwikkeling zien, van een bange twijfelaar naar de keiharde vorst die zijn principes niet opzij zet – ook niet als zijn hele familie eraan ten gronde gaat. Barry Atsma is overtuigend als Oidipous: aanvankelijk een geslaagd man, tevreden met zichzelf, tot gaandeweg de twijfel toeslaat en hij steeds onontkoombaarder geconfronteerd wordt met het noodlot. In deze voorstelling, waarin Delpeut ook verantwoordelijk is voor het subtiele geluidsdecor, wordt het vijfentwintighonderd jaar oude verhaal in een nieuw, tijdloos jasje gestoken. Toekomst, heden en verleden wisselen elkaar in rap tempo af en met terugwerkende kracht wordt het drama nog aangrijpender dan eerst.