Wat is dat een goed gevoel: Maria Stuart heft haar vuisten omhoog in een overwinningsroes. Even is ze verlost van angst en frustratie, na jaren van eenzame opsluiting in de Tower. Dol van woede is ze Elisabeth te lijf gegaan; ze heeft haar pruik afgerukt en zich letterlijk op haar gestort. Omgekeerd slaat Elisabeth net zo hard terug met haar parasol als slagwapen. Als twee viswijven vechten ze, niets koninklijks is er meer van hen over.
Heel lang duurt dat goede gevoel van Maria Stuart niet, want al snel beseft ze dat de laatste kans om Elisabeth milder te stemmen is verkeken. In de stroom van gebeurtenissen die volgt, is haar executie nog een kwestie van uren. In 1587 werd de katholieke Maria Stuart van Schotland onthoofd op last van de protestantse koningin Elisabeth van Engeland. Schiller schreef een toneeltekst over dit historische gegeven, waarin hij de ontmoeting tussen de twee koninginnen, die In werkelijkheid nooit heeft plaatsgevonden, centraal stelt.
Erik Vos regisseert Maria Stuart bij het Nationale Toneel, met in de hoofdrollen Will van Kralingen als koningin Elisabeth en Mirjam Stolwijk als Maria Stuart. Tom Schenk heeft het even simpele als doeltreffende toneelbeeld ontworpen: een lege ruimte met een draaitoneel en wat antieke stoelen, waarin het licht de achterpanelen omtovert tot een paleis of een gevangenis.
De tekstbehandeling is glashelder: de ruim tweehonderd jaar oude tekst van Schiller, vertaald door Gerrit Kouwenaar, wordt uitgesproken alsof ze gisteren geschreven was. Het drama komt dichtbij, door de nadruk te leggen op de persoonlijkheden van de koninginnen. De mannen aan het hof, ingesponnen in de koninginnen-webben, spelen hun rol met verve: stuk voor stuk laten ze zien hoe macht corrumpeert. Will van Kralingen steelt de show als Elisabeth. In de meeste ensceneringen wordt zij neergezet als de ijzeren maagd: meedogenloos en keihard.
Hier is ze zinnelijk en in alle opzichten menselijk: in de manier waarop ze zich laat gaan in het gevecht met Stuart, maar met name in de voortdurende twijfel die haar bekruipt. Mooi is de omkering die Erik Vos laat zien: de zogenaamde vrijheid (van Elisabeth), is in werkelijkheid een wurggreep, terwijl Maria Stuart op het moment dat haar vonnis wordt geveld, haar vrijheid in zekere zin terugkrijgt. Zij heeft niks meer te verliezen, ze is verlost van angst.