Het is een van de meest tot de verbeelding sprekende liefdesverhoudingen uit het Parijs van de jaren dertig van de vorige eeuw. Hij, Henry Miller, Amerikaanse schrijver die met zijn realisme en onverbloemde seksbeschrijvingen de literaire wereld shockeerde; zij, Anais Nin, bereid om alles te doen wat God verboden heeft. Een gepassioneerde relatie tegen de achtergrond van de onstuimige ontwikkelingen op het gebied van de politiek, de psychologie (Freud, Jung) en de kunst.

Anais Nin beschreef tot in alle details zowel de tijdgeest als haar intiemste belevenissen in een lange reeks dagboeken. De Koe liet zich door deze dagboeken inspireren tot MillerNin.

De rollen van Anais Nin en Henry Miller worden gespeeld door de jonge en mooie, perfect gecaste Sara Vangeel en Nico Sturm. Bruno Vandenbroecke neemt de overige rollen voor zijn rekening, als de vader van Anais, als Hugo, haar wettige echtgenoot en als verteller. In de aanvangsscène wordt de sfeer van het culturele milieu geschetst: achter doorzichtige gordijnen vormen schemerlampen, spiegels, vage jazzmuziek en leunstoelen het decor waarin de schrijvers elkaar ontmoeten. Ze bekritiseren elkaars verhalen en vertellen hun dromen.

Als het eerste gordijn zakt en de spelers naar voren komen, wordt een laag toegevoegd. Volgens beproefd Koe-recept stappen de spelers in en uit hun rol en becommentariëren ze hun materiaal en elkaar. Dat levert geestige en enerverende scènes op waarin je als toeschouwer steeds laveert tussen de verschillende lagen.

Halverwege de voorstelling zakt ook het tweede gordijn en begint een collage van scènes waarin telkens een verschillende sfeer wordt neergezet: Miller, dronken, brallend in een café; Hugo, de echtgenoot van Nin die onrustig ijsbeert in zijn vertrekken terwijl op de achtergrond Miller en Nin woest liggen te vrijen. Sfeerbeelden die niet allemaal even krachtig zijn. Het lijkt alsof de spelers, tevens makers van de voorstelling, de krachtige dramaturgische opbouw van het begin niet hebben kunnen volhouden. Ze schampen langs de personages zonder veel uit te diepen of te onderzoeken. Daardoor blijft de voorstelling enigszins aan de oppervlakte.