Herbert is nachtportier in een ziekenhuis. Hij houdt van zijn werk: 'Je doet niet veel maar toch is het nuttig', zo vat hij zijn functie kort maar bondig samen. In zijn eenzame portiersloge (Herberts Aquarium, een glazen hok met een paar monitoren, een koffiezetapparaat-apparaat en een ouderwetse telefoon) heeft hij het druk op zijn eigen manier. Al rommelend met een prop papier, een bril of zijn baseballpet creëert hij tal van personages, waarmee hij fantasiegesprekken voert.
Herberts Aquariumis een solovoorstelling van Servaes Nelissen, die al in 1999 heeft rondgetourd op een aantal festivals in binnen- en buitenland en waarmee hij nu de theaters intrekt. Terecht want het is een prachtige, kleine voorstelling waarin Nelissen opnieuw zijn grote talent laat zien. Hij maakt van bijna niks geloofwaardige, herkenbare en ontroerende personages. Zoals de nachtportier die zichzelf de hele nacht bezighoudt met van alles en nog wat. Met die lieve nachtzuster Mary bijvoorbeeld of met die enge man die hij steeds ziet rondspoken op zijn monitor. Af en toe komt een oude man op bezoek, de gepensioneerde nachtportier, wiens vrouw op sterven ligt in het ziekenhuis. Een prachtige tegenhanger van de jongere en een beetje stoere Herbert: een lieve oude man die af en toe langskomt om een babbeltje te maken in de lange, stille nachtelijke uren. Hij lijkt broos en doet een beetje schichtig maar intussen glimmen zijn ogen als hij het publiek aanspreekt: 'zitten jullie nou nog steeds te wachten?'
Servaes Nelissen beheerst als autodidact vele facetten van het vak. Hij is een uitstekende mimespeler: geweldig hoe zorgvuldig hij de niet bestaande ramen van zijn portiersloge glimmend opwrijft en grappig hoe hij vlak daarna de illusie doorbreekt door een kop koffie van zijn bureau te pakken. Hij is een begenadigd poppenspeler (zoon van Jan Nelissen), die met een paar simpele gebaren een gele vaatdoek tot leven laat komen of zichzelf interviewt met een luciferdoosje. En hij is een geweldige acteur die vloeiend de overgangen van het ene personage naar het andere maakt en ook binnen een karakter verschillende registers opentrekt. Een hilarisch hoogtepunt is de scène met het cadeautje van zijn moeder, dat hij vol afgrijzen opent en waar hij vervolgens een eng zeemonster van maakt. Servaes Nelissen is in staat om met bijna niks de verbeelding van de toeschouwer aan het werk te zetten. Hij heeft een zwak voor een tikje eenzame mannen, die maatschappelijk en sociaal niet erg geslaagd zijn maar door middel van hun fantasie hun isolement doorbreken. Daardoor ontstaat een montere opgewektheid, die bijna pijn doet, omdat zij er zo hartstochtelijk het beste van proberen te maken. En dat herkennen we allemaal wel.