Anti- gone, noemt Ismene haar met nadruk. Ze bedoelt dat haar zus eigenlijk altijd al anti alles was. In de epiloog vergelijkt Ismene, inmiddels een oude vrouw met een bontje en een lorgnet, haar jonggestorven zus Antigone, met een zelfmoordterroriste. "Wat, als ze geen koningsdochter, maar een slachtoffer van een onderdrukt volk zou zijn geweest?"

Antigone komt in opstand tegen de koning, die haar in de oorlog gestorven broer weigert te begraven, omdat hij een landverrader zou zijn. Antigone zet haar leven op het spel en gaat de geschiedenisboeken in als heldin. Ismene weigert te helpen, overleeft maar wordt als lafaard te kijk gezet.

Deze enscenering vanAntigoneis een coproductie van choreografe Nicole Beutler en theatermaakster Ulrike Quade, die vooral bekend is geworden door haar bijzondere werk met poppen. Nicole Beutler hield zich al inSongs(2010) bezig met vrouwelijke heldinnen, waaronder Antigone. Beide theatermakers werken op het snijvlak van performance, mime,beeldende kunst, muziek en dans en allebei maken ze voorstellingen dieproberen door te dringen tot de essentie. Altijd op zoek naar de zeggingskracht van dans of de kracht van een beweging. VoorAntigoneliet Ulrike Quade zich inspireren door de Japanse theatervorm Bunraku.

De voorstelling begint eenvoudig, met de in camouflagebroek gestoken Polyneikos, een pop zo groot als een jongetje van een jaar of zeven; een soort Kuifje, die voortbewogen wordt door een in het zwartgeklede acteur. Spannend is het begin waarin bijna niks gebeurt, de pop langzaam om zich heen begint te kijken, ontdekt hoe hij zijn armen kan bewegen, schielijk opkijkt naar de acteur achter hem, letterlijk degene die de touwtjes in handen heeft. Al snel wordt de muziek harder en dreigender, het ritme verandert in het staccato van een machinegeweer en Polyneikes valt dood neer.

Het verhaal van Antigone is teruggebracht tot een paar sleutelscènes: de dood van de krijger Polyneikos, Antigone die haar broer probeert te begraven, haar gevangenneming en haar eenzame ophanging in de cel. Geprojecteerde teksten bieden uitleg. Drie spelers bewegen de drie poppen: naast Polyneikos zijn dat Antigone en Ismene in mooie, lange jurken. De scènes met de poppen(vormgeving:Watanabe Kazunori)worden afgewisseld door dansfragmenten, vaak een stampende woedende dans op de heftige muziek vanGary Shepherd. Heel af en toe schemert er iets door van wat de makers bedoeld moeten hebben: als Antigone het haar uit haar gezicht haalt, is dat een veelzeggend en ontroerend gebaar. Toch is de voorstelling als geheel niet geworden wat ervan verwacht mocht worden. In deepiloog wordt een vraagteken gezet bij de zogenaamde moed van Antigone en de veronderstelde lafheid van Ismene. Terecht, al zijn de observaties niet nieuw. Met terugwerkende kracht werpen ze echter meer vragen op over de voorstelling dan dat er een antwoord wordt gegeven.