Het begint al meteen met de beroemde zinsnede 'Het hemelse gerecht heeft zich ten lange lesten / Erbarremd over mij, en mijn benauwde veste'. Mark Rietman spreekt vanaf een hellend speelvlak en kijkt naar beneden. Hij voelt zich heer en meester: eindelijk is er een eind gekomen aan de langdurige belegering van zijn geliefde Amsterdam. Zo lijkt het tenminste; in werkelijkheid is het een diep tragisch moment, want de vijand staat op het punt om Amsterdam in te nemen en al plunderend en verkrachtend te vernietigen. Met list en bedrog, zoals destijds in Troje, wordt een zogenaamd verlaten schip de stad in gesjouwd.
Het is 1 januari 2012 en de Amsterdamse Stadsschouwburg is afgeladen vol. 'Iedereen' is er voor de allereerste première van het nieuwe jaar, van Ellen Vogel en Annet Nieuwenhuis tot Huub Stapel en Gijs Scholten van Aschat, wiens zoon Reinout de rol speelt van Diedrick van Haerlem. Van 1641 tot 1968 is Gijsbrecht van Amstel jaarlijks opgevoerd in Amsterdam. De actie Tomaat maakte een eind aan de eeuwenoude traditie. Nu wordt 'de' Gijsbrecht voor het eerst sinds 1968, enkele kleine initiatieven daargelaten, weer gespeeld.
Allereerst: petje af. Het Toneel Speelt kan niet genoeg worden geprezen om de moed waarmee in moeilijke tijden een niet gemakkelijke tekst nieuw leven in wordt geblazen. Daar komt bij dat er een uitgelezen cast is uitgezocht, met hoofdrollen voor Mark Rietman, Carine Crutzen en Daan Schuurmans. Stuk voor stuk slagen zij en trouwens ook de andere acteurs erin om het verhaal dat eigenlijk een gedicht is met een meeslepend, muzikaal ritme, lichtjes bewerkt door Laurens Spoor en Ronald Klamer, toegankelijk en helder te maken. Er moet lang gekauwd zijn op de rijmende regels van Vondel: de tekstbehandeling is zonder uitzondering uitstekend. Heel knap hoe de tekst zonder al te traag te worden of de nadruk teveel te leggen op de rijmwoorden uit wordt gesproken. Misschien wel het sterkst in dat opzicht is Bart Klever die de dankbare rol van Vosmeer, de spion speelt: bij hem is elk spoor van het stof van eeuwen verdwenen en klinkt de tekst alsof hij gisteren werd geschreven. Mark Rietman groeit in zijn rol als de macho kasteelheer die door het dolle heen raakt als zijn stad wordt verwoest en zich alleen laat tegenhouden door een ingreep van hogerhand. Crutzen imponeert als de sterke Badeloch, beheerst in haar wanhoop.
Het decor is even eenvoudig als inventief. Op het gordijn dat voor de toneelopening hangt, wordt de middeleeuwse stad Amsterdam zichtbaar Wanneer het gordijn opent, wordt een soort omgekeerde tribune zichtbaar die gekanteld kan worden en dan de vloer van het kasteel vormt. Simpel en functioneel. Mooi is ook de rol van Marisa van Eyle die de reien voordraagt, die voor een deel door Willem Jan Otten zijn geschreven. Uiterst plastische en bijna zinnelijke beelden van Maria die op het punt staat te bevallen (het stuk speelt zich immers af in de kerstnacht). Het meest controversiële deel van een geslaagde poging om Gijsbrecht van Amstel te doen herleven. Zonder het overdreven pathos en nationalisme dat er wellicht voorheen aan kleefde, maar met een nieuw elan.