In de proloog proberen ze een samenvatting te geven van de thema's die hen hebben beziggehouden. Al snel begint de twijfel: misschien krijgt 'men' wel genoeg van vage vragen? Of van ons 'zogenaamde' zelfonderzoek? Het is niet uitgesloten dat 'men' geen kwetsbaarheid meer wil zien.... Het is een geestige inleiding vol 'tongue in cheek' waarin op metaniveau wordt gediscussieerd over de dramaturgie van een voorstelling.Niet meteen afhaken want ze doen dat geweldig geestig. En uiteindelijk besluiten ze om gewoon maar opnieuw te beginnen.De voorstelling ForsterHuberHeyne is een coproductie van Staatstheater Mainz, de KOE en De Nwe Tijd die elk een acteur leveren. Staatstheater Mainz vroeg Willem de Wolf ter ere van het 225-jarig bestaan van de Mainzer Republiek een stuk te schrijven over Georg Forster en Therese Heyne, een beroemd echtpaar dat in Mainz leefde ten tijde van de Franse Revolutie. Hij was een wereldreiziger en revolutionair, zij schrijfster en de eerste vrouwelijke uitgeefster. Naast haar huwelijk hield ze er openlijk een minnaar op na, Ludwig Huber.Over deze drie interessante personen in een tijd van radicale ideeën en revolutionaire veranderingen schreef De Wolf samen met Rebekka de Wit de tekst voor de voorstelling. ForsterHuberHeyne is een poging om drie historische figuren tot leven te wekken, waarin de drie spelers voortdurend in en uit het stuk stappen en commentaar leveren op hun rol of op de afstand tussen toen en nu, en hoe anders we bepaalde zaken nu ervaren of bekijken. Met geestdrift vertellen ze hoe bijzonder die tijd moet zijn geweest. Stel je voor: in de Franse revolutie staat er voor het eerst in de geschiedenis een leger dat niet voor een koning of keizer vecht maar voor de eígen idealen. Alle Menschen werden Brüderwas nog niet gecomponeerd, maar met terugwerkende kracht krijgen de vragen die in de proloog gesteld zijn meer betekenis. En: hoe ver zijn wij inmiddels aan het afdwalen van die idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap? Het stuk geeft zowel een mooi historisch beeld van hoe de personages worstelden met alle wisselingen op economisch, sociaal en politiek vlak als een persoonlijke insteek. Een centrale rol is weggelegd voor de formidabel spelende Suzanne Grotenhuis, die als vrouw telkens nog een paar vragen extra heeft te stellen. Heel mooi weet ze in enkele monologen de onschuld maar ook de strijdlust en intelligentie van deze vrouw weer te geven. Geestig is De Wolf die behalve als de verteller ook fungeert als de minnaar Huber en voortdurend probeert het discours terug te brengen tot persoonlijke kwesties: 'Was de seksuele verhouding tussen jou en Forster niet een tikje ingedut?'Op de achtergrond zijn diaprojecties van vage plaatjes te zien die telkens worden omgewisseld voor meer actuele beelden. De spelers brengen als het ware al pratend een nieuwe orde aan in de wereld.