In de speciaal aangelegde vijver dobbert een bootje, waar in dampend warm water een naakte man zich rustig zit te scheren. Het is een van de eerste beelden tijdens de theatrale wandeling 2room2, een samenwerkingsverband van Dogtroep met een aantal Zuid-Afrikaanse kunstenaars. De wandeling voert over een lange, houten brug naar verschillende lokaties in een uithoek van het Westergasfabriekterrein, waar vroeger de ammoniakfabriek stond. Op de palen van de brug zijn versieringen aangebracht: engelen (mv) met blauwe of rode lichtjes in hun ogen; piepkleine lantaarns die mini-tuintjes verlichten.

Dames met bontmutsen en winterjassen waarop van dezelfde stof borsten zijn gestikt, begeleiden het publiek naar een grote kas, waar men kan gaan zitten. Een zwarte acteur houdt een lang uitgesponnen betoog over de verhouding tussen de baas en zijn hond oftewel master and slave'. De manier waarop de baas met zijn hond omgaat, schetst hij als een metafoor voor de culturele spanningen tussen mensen van verschillende achtergrond (lees: tussen zwart en wit).

Rondom hem heen heeft een curieus rijdend mobiel brandende theelichtjes uitgepoept die als een krans om de man heen komen te liggen, waardoor de scene nog sterker aan een preek doet denken. Intussen gebeurt er van alles om de kas heen: een auto komt langsgescheurd, een vrouw wandelt met een herdershond, iemand is planten aan het wieden, de man die daarstraks in het bootje zat, is zich aan het aankleden. De theatrale werking van wat er buiten gebeurt is al gauw veel spannender dan wat er binnen gebeurt en had nog wel sterker kunnen worden uitgebuit.

De wandeling gaat verder en voert naar een serie kleine kamertjes, waar het publiek wordt opgesplitst. In het benauwende kamertje zitten een zwarte jongen en een blank meisje ruggelings tegen elkaar op een eenpersoonsbedje. Ze vertellen om beurten over hun jeugd in een samenleving van apartheid en het is een van de weinige, echt aangrijpende scenes.

De tocht eindigt in een centrale ruimte waar een groot aantal soms poetische, soms absurdistische, soms ook weinig zeggende fragmenten, waarin machtswellust en geweld prevaleren, in snel tempo achter elkaar wordt opgevoerd. Een zwarte man wordt behandeld als een hond, een vrouw spuugt bloed, mensen veranderen in agressieve beesten. De kracht van Dogtroep ligt in het creeren van beelden die, zonder dat er veel aan valt uit te leggen, een sterke dramatische werking hebben. In deze voorstelling is teveel geprobeerd een politieke lading aan te brengen en dat gaat ten koste van de poezie.