Als kind leerde hij om in een nieuwe wereld terecht te komen, eenvoudig door in de tekening ervan te duiken. En dat kan hij nog steeds. Steef de Jong is van oorsprong beeldend kunstenaar en dat zie je aan de inventieve vormgeving van zijn voorstelling. Ditmaal zijn het schilderijen die niet alleen kunnen praten (de portretten van zijn ouders en van zijn geliefde), maar ze kunnen ook openklappen waardoor een weelderige bloementuin tevoorschijn komt. Of je kunt er dus middenin springen. Zelfs kan hij, met behulp van de technicus, live schilderen op het witte doek. Het is een sterk begin van zijn voorstelling SISI BOY, waarin hij zich helemaal richt op zijn grote idool, Sisi.

Vanaf het begin van zijn carrière speelt Sisy, oftewel keizerin Elisabeth van Oostenrijk, een belangrijke rol in het oeuvre van Steef de Jong. Al in zijn debuutvoorstelling Groots en meeslepend wil ik leven verklaart hij haar zijn grote liefde en in Ludwig, het tweede deel van zijn 'eenmans-operette-trilogie' gaat het over haar neef, de koning van Beieren, Ludwig. In Straussvogel komt Sisi ook alweer voor in een ontmoeting met de componist Johan Strauss. En op de Parade speelde hij twee jaar geleden een korte versie van Sisy Boy die nu in uitgebreide versie in première is gegaan. Eindelijk een totale coming out.

Knap verweeft hij in de voorstelling zijn eigen zoektocht naar liefde, schoonheid en geluk met het leven van de Oostenrijkse keizerin. Als kind verkleedde hij zich al graag in de trouwjurk van zijn moeder en, eenmaal op de Rietveldacademie beland, maakt hij als eerste werkstuk een originele kruising van een thonetstoel en een Sisy-jurk. Heel moeilijk lijkt zijn coming out overigens niet te zijn geweest; zijn jeugd was gelukkig, zijn ouders lieve mensen die hoogstens heel even moeten wennen aan het idee dat hun zoon kunstenaar wil worden, en later thuiskomt met een knappe man. Hij springt op en neer tussen autobiografische anekdotes en verhalen (soms gespeeld, soms eenvoudig verteld) uit het leven van Sisy. Heel diep gaat het allemaal niet; zijn fascinatie voor de negentiende eeuw, voor de romantiek, voor operette en bovenal voor Sisy lijkt een onuitputtelijke inspiratiebron. Soms is het bijna naïef zoals in de scène waar hij verliefd wordt op zijn eigen 'keizer' en hij, sans gêne, dweept met zijn geliefde, dan weer is het pure camp. Hoe dan ook, De Jong is onweerstaanbaar als verteller en vooral als (steeds betere) zanger. Voor deze uitgebreide versie heeft Louis van Beek (met wie hij eerder dit seizoen samenwerkte in Bloemenduel) nieuwe liedteksten gemaakt en die zijn erg goed. Met zijn inventiviteit, gevoel voor humor en bovenal zijn aanstekelijk enthousiasme weet De Jong de verbeeldingskracht van het publiek te prikkelen. Zodat we door samen met hem in een tekening te duiken – hopla – zo in een andere wereld belanden.