Hij komt op als een popster, luid toegejuicht door het opvallend diverse publiek in een uitverkocht Carré. 'Kippenvel', zegt hij en laat dan een stilte vallen, 'voor de wedstrijd'. Want Ajax speelt en hij is een enorme fan, net als de halve zaal. In een paar woorden zet hij iedereen op het verkeerde been en benoemt hij bovendien de sluimerende onrust van al die voetbalfanaten onder het publiek. Kippenvel zou namelijk ook heel normaal zijn als je voor het eerst na zoveel tijd weer in het theater staat, met een voorstelling, getiteld Waar was ik?. Zijn vorige tournee – 120 optredens – moest hij annuleren, om een zwaar afkicktraject in te gaan. Je kunt verslaafd zijn aan drank, aan drugs, aan seks en aan gokken. 'Ik was verslaafd aan allemaal', zegt hij.
In zijn nieuwe show, zijn negende avondvullende cabaretprogramma, blikt hij terug op die zwarte periode en eert hij de twee sterke vrouwen die hem erdoorheen hebben gesleept, zijn vrouw en zijn moeder. Gelukkig is zijn nieuwe voorstelling geen larmoyant bekentenistheater geworden, alhoewel zijn privébesognes zeker een rode draad vormen. Af en toe dempt het licht, gaat hij in het midden van het grote podium op een klapstoeltje zitten en vertelt over de drank en de drugs, en wat ermee gepaard ging: het liegen tegen zijn vrouw, de schaamte tegenover zijn kinderen. Knap hoe hij met de billen bloot gaat, zonder dat het pathetisch wordt.
Bovendien gaat het in zijn voorstelling gelukkig over veel meer, over zijn jeugd op een flatje in Krommenie bijvoorbeeld – zijn bijnaam 'de Marokkaan uit de Jordaan' blijkt niet letterlijk te kloppen. In het slimme toneelbeeld domineren twee grote schermen, links de achterkant van de flat in Krommenie (waarin deuren op en dicht kunnen en buren op en af gaan), rechts een wolkenlucht, op toneel een hoop oude meuk (het afval van de flatbewoners) die handig als druminstallatie gebruikt wordt. Amhali is een rasverteller en een geweldig imitator. Wie hij ook nadoet: twee kakjongetjes uit Amsterdam-Zuid, zijn Indische benedenbuurman of zijn cokedealer, het is meteen raak. Erg geestig is zijn tirade over 'al die Polen en Bulgaren' die maar niet willen integreren in Nederland. Of zijn bewijsvoering dat de oermens feitelijk afkomstig is uit Marokko en, in één moeite door, dat de economische voorspoed van Nederland eigenlijk te danken is aan de komst van de allochtonen. Rake integratiegrappen, waarbij hij niemand spaart, ook de 'Mocro's' zelf niet. Intussen informeert hij naar de stand van de wedstrijd tussen Ajax en Juventus (dan 1-1), hij voelt de spanning in de zaal meesterlijk aan en vibreert moeiteloos mee. Er zitten ook wat zwakkere passages in, zoals het wat te lang durende verhaal over zijn zoontje op voetbal, maar in het algemeen is de voorstelling een erg sterke terugkeer van een superfitte Amhali, met scherpe stand-upcomedy en verhalen die ertoe doen.