Het strijdtoneel is leeg en kaal. Aan het plafond tl-balken, de muren zijn afgedekt met wit landbouwplastic en de enige rekwisieten zijn twee flesjes spa blauw op een laag tafeltje. Ook anderszins is De Liefde Voorbij in theatraal opzicht minimaal te noemen. Twee acteurs, geen dialoog. Geen decor, geen actie van betekenis, geen dramatische opbouw, nauwelijks muziek. De Franse schrijver Pascal Rambert (1962) heeft lak aan alle theaterconventies.
Zijn stuk De Liefde Voorbij won desondanks op het theaterfestival in Avignon (2011) de prijs voor het beste nieuwe stuk van het jaar. In korte tijd volgden opvoeringen in dertien landen en nu wordt voor het eerst ook in Nederland gespeeld, met Johanna ter Steege en Reinout Bussemaker in de hoofdrollen, in een regie van Marcelle Meuleman.
De titel geeft al aan waar het stuk over gaat: een stel dat uit elkaar gaat omdat de liefde voorbij is. Over het hoe en waarom komen we eigenlijk verassend weinig te weten. Het stuk bestaat uit twee lange monologen: eerst vertelt de man zijn kant van het verhaal, dan reageert de vrouw.
Vooral het eerste deel duurt lang. De tekst is taai en stroperig, de man spreekt in metaforen en tamelijk hoogdravende taal. Hij voelt zich gevangen in haar netten, hij vergelijkt hun relatie met klonten ijs die snel smelten en veranderen in plassen bloed. Hij heeft het over de bajonettenoorlog en over het configureren van hun persoonlijkheden. Hij voelt geen enkel verlangen meer naar haar en vraagt zich af of zij eigenlijk wel ooit echt van elkaar hielden. Of hielden ze misschien van het concept van liefde, van hun beeld van de ander?
Reinout Bussemaker slaat zich met heldenmoed door de lastige tekst heen en hij brengt er leven in, waar mogelijk. Maar het blijft een bloedeloze exercitie. Dat verandert zodra het de beurt van de vrouw is. Zij reageert deels op zijn rationele betoog, maar ze doet dat met passie. Opeens gaat de tekst leven en voel je mee met die tragische mislukking die een voorbije liefde is. Zij maakt gehakt van zijn miserabele metaforen; je voelt haar angst, haar verdriet, haar woede, haar verbijstering. Johanna ter Steege brengt leven in elke syllabe, in elk moment van stilte waarin je hoort hoe ze de stroom woorden probeert te beteugelen.
Jammer dat Pascal Rambert de man zo heeft vastgepind op het rationele, het intellectuele, het koele denken en de vrouw voorziet van emotionaliteit. Hij spreekt met het hoofd, zij ook vanuit haar hart en haar onderbuik. Daardoor is de voorstelling onevenwichtig en gaat zij pas leven als de vrouw aan het woord is. In alle opzichten superieur. De schrijver Pascal Lambert is trouwens een man.