Orkater, Café 749 / Centrale Markthal West, 5 april t/m 4 mei
Interview met Geert Lageveen en Jip van den Dool
Ode aan Amsterdam
[
NB Lieve eindredactie, leek me leuk om (deel van) het speciale Amsterdam feestlied erbij af te drukken, als er plek is, hieronder in word en ook een versie met de muzieknotatie erbij]
Het wordt dé opmaat tot het grote feest volgend jaar wanneer Amsterdam haar 750-jarig bestaan viert. Café 749 wordt een enorme happening: een ode aan de stad en dan met name aan de bruine kroeg als de verbindende schakel tussen alle Amsterdammers. In de geest van de idealistische wethouder De Miranda die uit de vergetelheid wordt gehaald middels een musical over zijn leven, met muziek van onder meer het Amsterdams Andalusisch Orkest, in de Centrale Markthal in West.
"Het is een enorm avontuur", zegt Geert Lageveen. "Orkater steekt hiermee echt zijn nek uit. Het is qua logistiek verreweg het grootste evenement dat we ooit hebben georganiseerd met een grote cast van acteurs, muzikanten, stagiaires van theaterscholen en 'gewone' Amsterdammers."
Samen met Leopold Witte, die ook de regie doet, schreef hij de tekst van Café 749 en hij speelt er zelf ook in mee. Lageveen: "Het is veel meer dan een voorstelling: in de Centrale Markthal wordt een compleet café gebouwd. We willen een ode brengen aan de 'bruine kroeg' die helaas de laatste tijd aan het verdwijnen is, terwijl het zo belangrijk is om een plek te hebben waar je elkaar kunt ontmoeten."
Zelf komt hij ook minder in de kroeg dan vroeger, vertelt hij: "Het lijkt wel alsof er minder tijd is of minder van die kroegen zijn waar 'iedereen' komt. "Een mooie uitzondering vormt Café de Druif, een van de oudste cafés van de stad dat onlangs van de ondergang is gered door een stel dertigers." Zelf woont hij inmiddels al 45 jaar in Amsterdam, de eerste jaren 'op de bank' bij een vriend of in een kraakpand. Van den Dool is een voorbeeld van de dertigers die nu noodgedwongen de stad verlaten omdat ze geen huis kunnen vinden: "Ik ging van de Koekjesbrug naar West en daarna naar Noord, steeds wat verder de stad uit en woon sinds kort in Ilpendam, met een weiland voor de deur. In Noord hadden we aanvankelijk vrij uitzicht maar binnen een paar jaar stonden er flats van 20 verdiepingen voor onze neus."
Natuurlijk gaat de voorstelling ook over de problemen waar Amsterdam mee worstelt: woningnood, gentrificatie, polarisatie, de groeiende kloof tussen arm en tijk. Geert: "In de voorstelling is de firma Blackwall de projectontwikkelaar die alles dreigt op te slokken, de veroorzaker van veel leed bij huurders en mensen die een huis zoeken. In het café ontmoet iedereen elkaar: van de projectontwikkelaar tot de stamgasten tot de nieuwkomers die misschien wel de huizen weg dreigen te kapen die eigenlijk zijn bedoeld voor de mensen die allang in de buurt wonen." Intussen speelt zich in het café ook nog een repetitie af van de musical over De Miranda, Monne de Musical.
Monne (van Salomon) de Miranda was honderd jaar geleden wethouder in Amsterdam en het is ongelooflijk wat hij voor elkaar heeft gekregen, vertelt Lageveen: "Het Amsterdamse Bos, de tuindorpen in Noord, de IJtunnel, gemeentewinkels, badhuizen ('Wil je baden/ wil je zwemmen/ moet je De Miranda stemmen'), de Markthallen, betaalbare woningen voor arme mensen, wat al niet. Hij werkte al op zijn elfde in de diamantfabriek, een echte straatvechter maar met een groot hart. Een doener met een vooruitziende blik die helaas tragisch aan zijn eind is gekomen, iemand die geloofde in zijn idealen."
Van den Dool maakte speciaal voor Monne de Musical nieuwe composities (een feestelijk nieuw stadslied voor Amsterdam, zie hiernaast) maar is ook verantwoordelijk voor alle muziek: "Het wordt een eclectische mix van Andalusische liederen tot feestelijke popmuziek, gespeeld door het Amsterdams Andalusisch Orkest, aangevuld met Remco Sietsema op accordeon."
De makers brengen een ode aan de spirit van Amsterdam, in de hoop dat in het grote, feestelijke Café 749 de opstand tegen de slechteriken – de firma Blackwall en aanverwanten – losbreekt. Lageveen: "We hopen dat er iets van het vuur en het idealisme van De Miranda overspringt en dat de stamgasten en nieuwkomers hun krachten bundelen en zich samen verzetten om het café te behouden. Ik bespeur bij zoveel mensen het verlangen naar actie, naar mogelijkheden om het gevoel van verlamming open te breken." We eindigen de happening in elk geval met een verbroederend lied waarin alle problemen – in elk geval voor heel even dan – zijn opgelost."
STADSLIED
Mijn stad, mijn schat, mijn lieve moer
Nooit sta je stil, altijd rumoer
Mijn lief, mijn smart, mijn haat, mijn hart,
Mijn dag en nacht, mijn ouwehoer
Mijn wal, mijn dijk, mijn gracht, mijn plein,
Mijn huis, mijn deur, mijn raamkozijn
Je geeft me vreugd, je doet me pijn
Maar hoe dan ook, je mag er zijn
Te hard, te zacht, te luid, te stil
Mijn ring, mijn muur, mijn dikke schil
Beschermt mij tegen zon en kou
In al mijn doen, maak jij 't verschil
REFREIN
Je maalt, je faalt, je schimpt, je scheut
Je rolt en tolt, je maakt me teut
Ik ben je soms zo vrees'lijk zat
Maar god, wat hou ik van mijn stad
Je maalt, je faalt, je schimpt, je scheut
Je rolt en tolt, je maakt me teut
Ik ben je soms zo vrees'lijk zat
Maar god, wat hou ik toch veel van mijn stad
(Uitkrant, april 2024)