Theaterbureau De Mannen, Het Indisch Interieur

De Meervaart, 19 nov

Interview Bo Tarenskeen

'Vallen tussen wal en schip'

In Het Indisch Interieur verdeelt de terminaal zieke vader alvast zijn erfenis tijdens een gezellig bedoelde familiebijeenkomst. Maar wie van de kinderen is er eigenlijk blij met wajangpoppen, maskers of handgemaakte schaaltjes? Bo Tarenskeen, zelf een van de anderhalf miljoen Nederlanders met een (deels) Indische achtergrond, schreef een even broeierig als geestig drama over ontworteling en intergenerationele trauma's.

Tarenskeen begon al in 2014 aan de tekst voor de voorstelling die, onder andere vanwege corona, pas dit jaar in première ging. "Ik vond dat er veel te weinig bekend is over de invloed die de geschiedenis van Nederland en het voormalige Nederlands-Indië heeft op hele generaties. Terwijl het aantal Nederlanders dat op een of andere manier te maken heeft met die geschiedenis volgens het NIOD tussen de anderhalf en twee miljoen bedraagt. De afgelopen vijftig jaar is er weinig tot geen aandacht geweest voor die complexe geschiedenis; er is vooral over gezwegen, zowel in de politiek als in de huiselijke sfeer. Inmiddels lijkt er overigens gelukkig sprake van een inhaalslag met een film als De Oost, De tolk van Java van Alfred Birney (boek én toneelstuk), de theatervoorstelling Lichter dan ik en Revolusi van David Van Reybrouck."

Hij wilde een voorstelling maken over de naweeën van de oorlog, over hoe vijftig jaar en drie generaties later dat hele koloniale denken nog in de haarvaten zit van de samenleving als geheel en van ieder individu apart. "Het was een soort apartheidsstaat, waarin de witte man bovenaan staat, de mensen van gemengd bloed ergens middenin zweven en de Indonesiër de underdog was." Het idee om het verhaal te vertellen aan de hand van het verdelen van de erfenis is enigszins autobiografisch: "Mijn oma heeft, al vijftien jaar voor ze stierf, haar bezittingen zo'n beetje verdeeld. Dat was een heel liefdevolle aangelegenheid en ze had gelukkig ook niet heel veel spullen dus het leverde ook geen ruzie of gedoe op, maar het bracht me wel op het idee. Het is natuurlijk een universeel gegeven: in elke familie komt zo'n moment dat de erfenis verdeeld moet worden."

In Het Indisch Interieur staat de pater familias (Hans Dagelet) centraal. Hij bouwde als ingenieur stuwdammen in Nederlands-Indië. "Hij heeft goede herinneringen aan zijn tijd daar en hij heeft veel mooie spullen mee naar huis genomen. Ze weerspiegelen zijn Indonesische ziel. Zijn drie kinderen, alle drie succesvolle architecten, reageren echter minder enthousiast dan hij had gehoopt. Ze hebben strakke huizen, met veel glas en metaal waar helemaal geen plek is voor 'prullaria', terwijl voor hem aan elk afzonderlijk stuk een dierbare herinnering kleeft."

Zijn voorstelling gaat vooral over ontworteling: "In het stuk worstelt iedereen op haar of zijn eigen manier met het gevoel van nergens echt thuis te horen. Dat geldt, denk ik, voor heel veel mensen die van de ene cultuur in de andere belanden. Ze kunnen zich niet echt hechten aan het nieuwe land en ze vinden het moeilijk om de gewoonten van het 'oude' land los te laten. Vaak voelen mensen zich in geen van beide culturen echt thuis, ze vallen tussen de wal en het schip. Hun kinderen en zelfs hun kleinkinderen nemen dat vaak onbewust over. In die zin gaat het ook over de langetermijneffecten van kolonisatie en migratie."

Bo Tarenskeen

Bo Tarenskeen is toneelspeler, schrijver, regisseur en medeoprichter van Theater Na de Dam. Hij groeide op in Amsterdam met zijn Indische vader, componist Boudewijn Tarenskeen, en een Nederlandse moeder, scenarioschrijver Moniek Kramer. Hij maakt onder veel meer een theaterserie over 'het kwade denken'; inmiddels zijn Kissinger, Heidegger en Speer al te zien geweest. In 2021 ging het eerste deel van zijn elfdelige serie in première, gewijd aan de taalfilosoof Ludwig Wittgenstein. Eerder regisseerde hij De Indië Monologen.

(Uitkrant, november 2022)