Midden op het toneel staat een oude, gebutste Mercedes, een echte patserbak maar dan wel een van vergane glorie. Drie toneeltechnici zijn ijverig aan het poetsen om de auto nog wat meer te laten glimmen. Perschef Xenia vertelt dat het hun favoriete bezigheid is: voorafgaand aan elke opvoering halen ze geheel vrijwillig nog een extra poetslapje over het chassis.

Echt nodig is dat niet want de Mercedes wordt een paar uur later gebruikt als vehikel voor de – niet geringe hoeveelheid – destructieve krachten in Der Untergang Der Nibelungen - The Beauty of Revenge. De voorstelling is geïnspireerd op het oer-Germaanse mythologische verhaal over de ondergang van de Nibelungen, waar ook Richard Wagner (zijn magnum opus Der Ring des Nibelungen) en Tolkien (The Lord of the Rings) zich door dit lieten inspireren (zie kader voor meer info).

Deze enscenering van het oorspronkelijk twaalfde-eeuwse Nibelungenlied door huisregisseur Sebastian Nübling is gebaseerd op de gelijknamige tragedie van Friedrich Hebbel uit 1861. Nübling verplaatst het verhaal naar de huidige tijd, waarin de wereld niet gedomineerd wordt door draken, goden en toverzwaarden, maar door het Wirtschaftswunder, het kapitalisme en met name – daar komt de Mercedes – door de bloeiende automobielindustrie. De Mercedes is zowel een schuilplaats als een springkussen, er wordt overheen gegleden en geklauterd, er wordt op gevreeën en er wordt flink met deuren gesmeten. De auto staat symbool voor rijkdom, veiligheid en luxe maar ook voor machismo, agressie en vernielzucht.

Hoog testosterongehalte

De rol van Siegfried, eeuwenlang de archetypische über-Duitse held: blond, groot, breedgeschouderd en met blauwe ogen, wordt gespeeld door de bruinogige, zwartharige Taner Şahintürk, gehuld in pooieroutfit en trainingsbroek met gouden dollartekens; die van Brunhild door Will Tonka, een blonde transseksueel met netkousen en een leren minirokje. Het is een heftige voorstelling, met een hoog testosterongehalte. Er wordt fysiek gespeeld, af en toe wordt er ook gezongen en is de associatie met The West Side Story niet ver weg, maar dan met rivaliserende gangs uit de jaren tachtig. Visueel valt er veel te beleven, de aanpak is grotesk, filmisch, dynamisch en energiek.

De negentiende-eeuwse taal van Hebbel klinkt licht en vanzelfsprekend, ook als die uitgesproken wordt door dit heterogene gezelschap. De Engelse boventitels helpen niet-Duitstaligen, in Amsterdam wordt de voorstelling overigens Nederlands boventiteld. De heen en weer schietende emoties leveren een wervelwind op van onstuimige passies – liefde en haat, hebzucht en wraak – , een storm van destructieve krachten.

Friedrich Hebbel

Voor de voorstelling is er gelegenheid met huisregisseur Sebastian Nübling te spreken in de huiselijk ingerichte kantine. Waarom Der Nibelungen en waarom de versie van Hebbel?

Nübling: "Het stuk van Hebbel is eigenlijk heel modern. Zijn werk staat dichtbij dat van Shakespeare met zijn rijkdom aan taal en aan thema's van alle tijden. Friedrich Hebbel (1813-1863) heeft na een zware, armoedige jeugd zichzelf leren lezen; hij werkte jarenlang als loopjongen. Hij heeft zich echt aan de haren uit het moeras gesleept, met veel vallen en opstaan. Later heeft hij veel gereisd en een aantal relaties met vrouwen gehad. Eigenlijk heeft hij een 'modern' leven geleid."

"We hebben het stuk overigens grondig ingekort en alle 'fantasy' eruit gehaald. Het is een oer-Duits stuk; het wordt telkens weer tevoorschijn gehaald. De thematiek is universeel: in alle Nibelungenverhalen gaat het over macht en geld, oftewel over het kapitalisme. Wie geld heeft, heeft macht. En wat is een krachtiger symbool voor hedendaags kapitalisme dan de Mercedes Benz?"

Totale vernietiging

"Aan het eind van het drama is iedereen dood, waarbij overigens de vrouwen een niet geringe rol spelen. Het verband met de Duitse geschiedenis is ironisch. We moeten oppassen om niet af te stevenen op de zoveelste catastrofe. Nog steeds wordt geprobeerd de wereld met behulp van de industrie, economie en kapitalistische ideologie te domineren. Het stuk gaat in wezen over de duistere (niet alleen Duitse) drang om steeds weer de totale vernietiging tegemoet te willen rennen." (Scenes, maart 2015)