Op 5 september opende Faust [working title] met veel succes het seizoen, in plaats van het oorspronkelijk geplande Mefistofele.

Operadirecteur Sophie de Lint moest razendsnel van koers veranderen omdat 'traditionele' opera onmogelijk coronaproof te maken is: bij elkaar zijn er soms tot wel tweehonderd mensen aan het werk in koor, orkest, solisten en techniek. In plaats van de vier operatitels in het najaar werd, in nauwe samenwerking met associate artistic director Anthony Heidweiller, een nieuw plan bedacht: OFFspring.

‘Ga het maar doen!’, hebben we gezegd. Press on reset!

De komende maanden worden maar liefst vier spiksplinternieuwe projecten gepresenteerd die elk een verbinding maken met de oorspronkelijk geplande titels: Mefistofele, Innocence, Le nozze di Figaro, Aida. De makers zijn jonge, afgestudeerde componisten, regisseurs, ontwerpers, musici en zangers die al eerder bij DNO hebben gewerkt in het Opera Forward Festival. Hen is gevraagd om in eigenzinnige voorstellingen te reflecteren op onze tijd en op een van de genoemde operatitels. Ze gaan niet alleen in dialoog met de operakunst, maar ook met de stad Amsterdam en haar diverse bewoners. Een experiment waarin we een glimp kunnen opvangen van de toekomst van de opera.

‘Mijn favoriete uitdrukking is ‘exploring together’: samen op ontdekkingstocht gaan’

Crisis als kans

De Lint is optimistisch over de toekomst van opera. Natuurlijk, het is geen gemakkelijk begin van haar directeurschap, zegt ze, en niemand kiest voor een pandemie en een lockdown om een nieuwe baan mee te beginnen. Maar, na de aanvankelijke schok in maart en de hoop tegen beter weten in dat het in Nederland wel mee zou vallen, begon bij haar het besef in te dalen dat deze ongelooflijke crisis misschien ook wel kansen bood: "Ik zie de pandemie nu als de grote versneller van iets wat toch onvermijdelijk is, namelijk de noodzaak om goed na te denken over de toekomst van opera. Ik voel sterk de urgentie om contact te maken met de nieuwe generatie, om jonge makers uit te nodigen om hun ideeën te komen realiseren, om verbinding te maken met andere culturen, andere manieren om te kijken naar de wereld. Opera is nog nooit zo relevant geweest. Het gevoel van 'togetherness': samen iets moois creëren en beleven, is ongelooflijk belangrijk, anders raken we allemaal in een depressie."

Is dat wat er tijdens de lockdown gebeurde? "Ik denk dat het voor veel mensen zo heeft gewerkt, voor mij persoonlijk ook. Na de eerste schok, was de wereld ineens helemaal stilgevallen en zat iedereen thuis in zijn of haar eigen bubbel. Dat duurde voor mij niet heel lang, vanaf april ben ik weer aan het werk gegaan, op afstand en veelal online. Nog steeds verkeren we in een toestand van totale onzekerheid: elk moment kan er iets gebeuren waardoor we het theater weer helemaal moeten sluiten. Maar vooralsnog maak ik van de nood graag een deugd en geven we alle ruimte aan vernieuwing, aan experimenten, aan kleinschalige projecten."

Kende je het Opera Forward Festival (OFF)?

"Voor mij was het OFF een van de redenen om naar Amsterdam te komen! De reputatie van het OFF is gegroeid in Europa, het zoemt echt wel rond dat er bij Nationale Opera & Ballet bijzondere dingen gebeuren. Elk operahuis is op zoek naar manieren om een nieuw publiek te bereiken met meer kleur, meer diversiteit, meer jonge mensen en nieuwe ideeën. In OFF worden terechte vragen gesteld die de basis vormen van wat wij willen uitstralen als operahuis. Wat is opera? Wat is muziektheater? Waarom is dat zo relevant? Wat voor dialoog zoeken we en op welke manier willen we dat bereiken? In de gesprekken van Anthony, onze dramaturgen en de artistieke teams die hij heeft samengesteld, komen die vragen telkens weer terug. Samen proberen we als het ware een brug naar de toekomst, naar nieuwe generaties en naar een nieuw publiek te bouwen."

Wat houdt OFFspring in?

Anthony heeft vier teams samengesteld van jonge, afgestudeerde makers die elk op geheel eigen wijze aan de slag gaan met deze opdracht (zie het overzicht op pagina CHECK). We vragen hen alleen om een connectie te maken – op wat voor manier dan ook – met een van de vier operatitels én om zich te verbinden aan een stadsdeel in Amsterdam. Wil je iets maken dat voor mensen in de buurt relevant is, moet je hen erbij betrekken. Anthony heeft inmiddels een enorme ervaring in het werken met mensen uit wijken in Amsterdam.

We gaan een stap verder dan de studentenopera's die al een aantal jaren worden gemaakt in het kader van het OFF en die elk jaar opnieuw bijzondere samenwerkingen met de conservatoria en hogescholen voor de kunst, en spannende creatieve processen opleveren. In OFFspring werken we met afgestudeerde makers die al eerder bij ons een project hebben gedaan: getalenteerde nieuwe professionals. In principe waren we dat al van plan in een van de komende OFF's: we hebben het proces alleen versneld. In feite maakt ook Een lied voor de maan, de nieuwe jeugdopera door componist Mathilde Wantenaar die in maart zou worden gepresenteerd, al deel uit van dat traject en ik hoop dat we deze op een nader te bepalen tijdstip alsnog in première kunnen laten gaan." 

Hoe gaan de projecten eruitzien?

"De eerste ontmoetingen waren heel interessant. De nieuwe generatie makers is helemaal niet onder de indruk van het feit dat wij, DNO, hen vroegen. Wat vertegenwoordigt DNO nu eigenlijk, vroegen ze zich af? DNO symboliseert voor hen de macht van een grote kunstinstelling. En de 'machthebbers' aanpakken, dat is een relevant topic, zeker nu de kunst onder druk staat.

Ze werken totaal anders dan we gewend zijn in de opera maar dat is goed. We bieden hen onze expertise aan, repetitieruimte en een budget; zij confronteren ons met hun ideeën over hoe de wereld eruitziet en hoe ze naar kunst, naar opera kijken. En dat is soms heel anders dan het traditionele perspectief.

Kenmerkend voor hun andere kijk is bijvoorbeeld het feit dat ze niet wilden dat we hun project brachten als een wereldpremière. Dat vooronderstelt een andere manier van denken: namelijk een productie maken die op andere plekken en tijden opnieuw kan worden uitgebracht. Daar is geen sprake van bij deze projecten. Die zijn namelijk gekoppeld aan verhalen van mensen die samenhangen met het hier en nu, met de mensen uit de wijk, en kunnen niet los daarvan gezien worden. Die uniciteit maakt de betrokkenheid heel groot. Voor mij vormt dat een unieke kans om ons als gezelschap van een heel andere kant te laten zien.

Ze dwingen ons als het ware uit onze comfortzone. 'Ga het maar doen!', hebben we gezegd. Press on reset!"

Enorme verbinder

Daarbij is de begeleiding van Heidweiller van groot belang: "Anthony is enorm gepassioneerd. Hij duikt helemaal in de projecten en komt me geregeld bijpraten: 'Hoor eens wat voor ongelooflijks er is gebeurd!' Hij coacht alle studenten zelf, stelt de teams samen en begeleidt het hele proces. Hij heeft een enorm netwerk; internationaal maar ook landelijk en in Amsterdam kent hij alles en iedereen die iets doet met muziek, opera en theater. Hij is een enorme verbinder.

Natuurlijk speelt ook het publiek een bijzondere rol. Opera bestaat niet zonder publiek en voor de toeschouwers zal dit een totaal andere ervaring zijn. We proberen toeschouwers op een andere manier te benaderen dan via de gebruikelijke kanalen, hen goed voor te bereiden en hen van dichtbij te betrekken bij de uitvoeringen. Het worden totaal andere ervaringen, zowel wat betreft de locatie als wat betreft de vormgeving en presentatie. Gedeeltelijk vanwege de coronaprotocollen die verplichten tot andersoortige uitvoeringen, maar het is ook inherent aan het experimentele karakter dat zowel inhoudelijk als in de vorm nieuwe wegen worden gezocht. Mijn favoriete uitdrukking op dit moment drukt het goed uit: we moeten 'exploring together': samen op ontdekkingstocht gaan."

Afbeelding bij 'Opera is nog nooit zo relevant geweest'